De Nederlands jurist Frank Elderson- voormalig voorzitter van het Netwerk voor Vergroening van het Financieel Stelsel (NGFS)- is, nu bestuurder bij de Europese Centrale Bank. Hij kondigde in maart de komst van een nieuwe NGFS-gids aan bij een bankiersborrel in Pretoria, Zuid Afrika. Die verscheen in April en geeft banken en verzekeraars richtlijnen hoe zij ‘verlies’ van biodiversiteit moeten beprijzen. Bijvoorbeeld door leningen duurder te maken voor klanten die een hoge ‘voetafdruk’ hebben voor berekend ‘verlies van biodiversiteit’, de rijkdom aan soorten.


Het NGFS heeft eerder al ‘het klimaat’ tot financieel product gemaakt. Nu is de ‘biodiversiteit’ aan de beurt. Nederlandse instituties spelen een hoofdrol bij het implementeren van deze visie. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) ontwierp daartoe een eigen indicator, die ook een eigen leven is gaan leiden: De Mean Species Abundance (MSA). Die werd de mondiale maatstaf om het ‘verlies van biodiversiteit’ in een regio te berekenen, op basis van veranderd landgebruik. Een soort ‘voetafdruk’ dus van een land of bedrijf op plant- en diersoorten in de wereld.

Vervolgens hangen economen aan deze ‘voetafdruk’ allerlei theoretische schadebedragen. Zo krijgen de banken en verzekeraars inzicht in wat verlies in biodiversiteit mag kosten. Die moet je dan compenseren door geld te betalen, net als voor je CO2-‘uitstoot.’

De MSA kreeg wereldstatus door een rapport van de Britse overheid in 2021, de Dasgupta Review over ‘The Economics of Biodiversity.’ Klimaateconoom Nicholas Stern gaf eerder (2006) voor de Britse overheid CO2 een prijskaartje. De Brits-Indiase econoom Partha Dasgupta deed dat dus vijftien jaar later voor alle leven op aarde, via het Hollands exportproduct MSA.

De term ‘species’ wekt de suggestie dat het PBL werkelijk de aan- of afwezigheid van ‘soorten’ meet, de belangrijkste component van het begrip biodiversiteit. Dat blijkt allerminst het geval. Ik deed namelijk in 2015 onderzoek, vastgelegd in het rapport ‘Sjoemelnatuur’. De MSA is in Nederland al sinds 2008 de meest gebruikte meetlat en registreerde tot nu toe volgens het PBL een verlies van 85 procent ‘biodiversiteit.’

Mondiaal zou in 2010 al 34 procent van de soorten zijn verdwenen, volgens de MSA. Dat getal kwam ‘toevallig’ overeen met het mondiale landoppervlak dat in cultuur is gebracht voor landbouw en veeteelt. Alsof bij PBL ‘landoppervlak’ het zelfde is als ‘biodiversiteit.

En dat bleek na controle het geval. De MSA meet helemaal niet hoeveel soorten ergens leven. Het is de maat voor veranderd landgebruik door toedoen van mensen. Daarom vroeg ik de data op achter de grafieken van PBL, via de Wet open overheid (Woo). Daaruit bleek dat de 15 procent ‘resterende biodiversiteit’ niets meer was dan het areaal bos (10 procent) en officieel natuurgebied (5 procent) bij elkaar opgeteld. In de overige 85 procent van Nederland leeft dus helemaal niets meer, als je de natuur gaat boekhouden met MSA. Natuur gaat bij het PBL principieel achteruit, omdát het door mensen is aangeraakt.

Ze noemen dat ‘verlies van natuurlijkheid’, zeg maar de mate waarin ‘Moeder Aarde’ haar maagdelijkheid verloor. Het PBL schermde met een database van ‘312 studies, waaruit zou blijken hoe stikstof, klimaat en andere drukfactoren natuur aantasten. Maar die database speelt’ geen enkele rol bij het berekenen van verliespercentages. Volgens de MSA krijg je een strafkorting van 90 procent ‘biodiversiteit’, als je land in cultuur brengt. Herstel is namelijk onmogelijk, omdat het nooit meer ‘oorspronkelijke’ natuur kan worden. Zoals een ontmaagd meisje niet weer maagd gemaakt kan maken.


Oorspronkelijke’ wildernis daarentegen is 100 procent ‘biodiversiteit’. Door die aanname krijgt de nagenoeg dode Sahara, bijna 100 procent ‘biodiversiteit’ volgens de MSA-maatstaf. Soortenrijkere agrarische natuur van 1950 in Nederland, vol met leven, krijgt wel een strafkorting van 90 procent. Net zoveel als de hyperintensieve landbouw van nu. Modern natuurbeleid wil weidevogelparadijsjes behouden die op landbouwgebied uit 1950 lijken. Alleen volgens de MSA-methode veroorzaak je een natuurramp wanneer je de grutto en kievit redt. Met de wijsheid van nu: het PBL heeft dus vanaf dag één gewerkt om ‘natuurverlies’ tot financieel product te maken. Want een andere functie – effectieve natuurbescherming- kán die MSA-methode niet vervullen. Er moet voortschrijdend ‘verlies’ worden gefabriceerd, dat objectief lijkt. Alleen dan kan dit ‘verlies’ via banken bij klanten te gelde gemaakt worden.

***