Het IPCC heeft altijd zorgvuldig uitgelegd dat het geen voorspellingen over de toekomst doet – en terecht.
30-9-2026
Poging om rampscenario tóch weer binnen te smokkelen
Roger Pielke Jr. ziet een ‘Trojaans Paard’ voor onze poort staan om het verworpen rampscenario RCP8.5 toch weer centraal te stellen in de klimaatwetenschap en het klimaatbeleid.
Door Roger Pielke Jr.
In de New York Times van 22 september stond een opiniestuk van David Wallace-Wells en Zeke Hausfather — respectievelijk journalist en klimaatwetenschapper — die beiden bekend staan om hun inzet voor het klimaatactivisme.
Normaal gesproken zou weer zo’n apocalyptisch opiniestuk geen commentaar waard zijn, aangezien er talloze van zijn.
Het opiniestuk laat echter zien hoe de nieuwe CMIP7-klimaatscenario’s — hier onder meer besproken — kunnen worden gebruikt om het ongeloofwaardig extreme en inmiddels afgeschreven scenario RCP8.5, weer stiekem in de discussies over klimaatwetenschap en -beleid te smokkelen.
Volgens Hausfather, een hoofdauteur van het komende IPCC AR7-rapport, zal IPCC AR7 deze strategie eveneens gaan volgen.
Misbruik
Het misbruik van rampscenario RCP8.5 begon al vroeg en veroorzaakte vanaf dat moment een sneeuwbaleffect, omdat niemand de corrigeerbare misstappen in een vroeg stadium rechtzette. We mogen hier niet opnieuw intrappen.
Het opiniestuk begint nog goed, met de juiste constatering:
[D]e voorspelde toekomstige opwarming is behoorlijk gedaald, en een worst-case-emissiescenario dat bekendstaat als “RCP8.5” — waarin het gebruik van steenkool tegen 2100 ongeveer zou vervijfvoudigen — wordt geleidelijk afgeschaft omdat het onwaarschijnlijk is.
Vervolgens neemt het opiniestuk een scherpe wending. Wallace-Wells en Hausfather beweren:
[E]en nieuwe reeks voorspellingen van de klimaatwetenschappelijke gemeenschap is behoorlijk alarmerend.
Maar er zijn geen nieuwe ‘voorspellingen’ van de ‘klimaatwetenschappelijke gemeenschap’. Het IPCC heeft altijd zorgvuldig uitgelegd dat het geen voorspellingen over de toekomst doet – en terecht. Het produceert projecties die afhankelijk zijn van scenario’s.
Bovendien laten de resultaten van onderzoek met dergelijke voorwaardelijke projecties waarin de nieuwe scenario’s zijn verwerkt, nog lang op zich wachten. Een beoordeling door de ‘klimaatwetenschappelijke gemeenschap’ zal moeten wachten tot IPCC AR7.
Uit zijn eigen blogbericht
De ‘voorspellingen’ van de ‘klimaatwetenschappelijke gemeenschap’ die in het opiniestuk worden aangehaald, zijn in feite afkomstig uit een blogbericht van . . . Hausfather.1
Op basis van Hausfathers ‘voorspellingen’ waarschuwen de auteurs onheilspellend (nadruk toegevoegd):
[S]chrikbarende temperatuurstijging blijft, verontrustend genoeg, mogelijk. Niet alleen hebben we door te traag te handelen, de kans gemist om ontwrichtende klimaatverandering te voorkomen. Ook de sterke opwarming, die soms wordt omschreven als een “worst-case-scenario”, blijft zeer zeker een mogelijkheid.
Die laatste zin is een niet al te subtiele verwijzing naar de klimaatuitkomsten die voortkwamen uit het inmiddels buiten gebruik gestelde RCP8.5.
Hoe kan het dat RCP8.5 wordt ‘afgebouwd’, terwijl de implicaties ervan nog steeds ‘zeer zeker een mogelijkheid’ zijn?
Hieronder laat ik zien hoe RCP8.5 weer volop in de discussie over klimaatwetenschap en -beleid wordt gebracht via een Trojaans Paard dat misbruik maakt van de uitbreiding van scenario’s.
Stap 1: De doelpalen verplaatsen
Wallace-Wells en Hausfather voorspellen een apocalyptisch klinkende toekomst, die zij karakteriseren met een waarschijnlijkheid van 75%:
Bij een temperatuurstijging van drie graden [Celsius ten opzichte van 1850-1900] zouden de ijskappen van de wereld gedoemd zijn tot millennia van terugtrekking. Het aantal soorten op het land dat een hoog risico op uitsterven loopt, zou kunnen verdubbelen.
Hoe waarschijnlijk is deze toekomst? Volgens conventionele modellering van het huidige beleid en de huidige trajecten is de kans rond 2100 ongeveer 50 % – en 75 % rond 2150.
De bewering dat “conventionele modellering van het huidige beleid en de huidige trajecten” zich uitstrekt tot 2150 is echter ronduit onjuist.
De makers van de nieuwe CMIP7-scenario’s hebben uitbreidingen van de scenario’s tot 2500 opgesteld, maar zij zijn expliciet (en verantwoordelijk) in het vermelden dat deze uitbreidingen niet gebaseerd zijn op modellering van beleid en trajecten (nadruk toegevoegd):
[D]e scenario-uitbreidingen bestaan uit emissie- en concentratietrajecten tot het jaar 2500 die losstaan van de uitkomsten van IAM-simulaties [Integrated Assessment Model]. Hoewel IAM’s nuttig zijn voor het genereren van de plausibele ontwikkeling van broeikasgasemissies op de kortere termijn, beperken de onzekerheden die na het einde van deze eeuw in toenemende mate van invloed zijn op de sociaal-economische drijfveren van deze trajecten, uiteindelijk het nut van IAM’s voor het ontwerpen van scenario’s.
De scenario-uitbreidingen zijn dus niet gemaakt om plausibele toekomsten te produceren, laat staan “voorspellingen” van de toekomst, maar om “de lange-termijndynamiek van het aardse systeem te verkennen”. Het verkennende gebruik van de uitbreidingen is vanuit wetenschappelijk perspectief volkomen gepast.
Dergelijke uitbreidingen zijn echter niet gemaakt om plausibele toekomsten weer te geven, en bieden dus geen basis voor voorspellingen of plausibele projecties van de toekomst.
Het verleggen van de einddatum naar 2150 is echter noodzakelijk om RCP8.5 nieuw leven in te blazen.
Stap 2: 2150 gebruiken als basis voor voorspellingen
Nadat (ten onrechte) is betoogd dat de ‘wetenschappelijke gemeenschap’ beleidsmaatregelen en trajecten tot 2150 heeft gemodelleerd, breidt het opiniestuk vervolgens zijn voorspellingen uit tot 2150, wederom op basis van de blogpost van Hausfather:
Er bestaat ook een omvangrijke wetenschappelijke literatuur over een nog huiveringwekkender mate van temperatuurstijging — tussen de vier en vijf graden Celsius opwarming in deze eeuw. Dit is het echte klimaatdoemscenario, waarbij de meeste effecten exponentieel erger worden en de schade zich opstapelt, waarschijnlijk sneller dan boerderijen, steden, kustgebieden en ecosystemen zich naar behoren kunnen aanpassen. Recente modellen laten zien dat het huidige beleid ons een kans van ongeveer 25 procent geeft dat de opwarming in 2150 de vier graden overschrijdt.
Hier wordt verwezen naar het nieuwe CMIP7 MEDIUM-scenario, dat een verkennende uitbreiding bevat waarbij tussen 2100 en 2150 ongeveer 1.300 gigaton kooldioxide extra wordt uitgestoten.
In een bijbehorende blogpost bij het opiniestuk gaat Hausfather nog een stap verder:
Er is ook geen garantie dat we in een wereld met het huidige beleid zullen blijven. Hoewel ik hoop dat landen hun klimaatmaatregelen in de loop van de tijd zullen versterken, is het, zoals we in de VS hebben gezien, ook mogelijk om fossiele brandstoffen rechtstreeks te subsidiëren en belemmeringen op te werpen voor de inzet van schone energie.
In een wereld van beleidswisselingen en actieve steun voor het verbranden van fossiele brandstoffen (het CMIP7 “High”-scenario) zouden we in 2100 ruim boven de 3 °C kunnen uitkomen, met een kans van ongeveer 70 % op meer dan 4 °C in 2150 en een kans van 30 % op meer dan 5 °C.
HIGH-2150
Het HIGH-2150-scenario leidt inderdaad tot resultaten die griezelig veel lijken op die van RCP8.5. De onderstaande figuur laat zien waarom dat zo is — HIGH-2150 heeft tot 2100 in wezen identieke cumulatieve kooldioxide-emissies als RCP8.5.
see what you did there
De onderstaande figuur toont het emissietraject van het HIGH-2150-scenario — de door het IAM gemodelleerde emissies tot 2100 plus de gespecificeerde uitbreiding van 2100 tot 2150. De uitstoot neemt de komende 125 jaar gestaag toe en stijgt in 2150 nog steeds.
De CMIP7-scenario-commissie merkte op dat sommige aannames simpelweg niet haalbaar zijn vanwege hun “geofysische aannemelijkheid” (denk aan de kritiek van Ritchie en Dowlatabadi 2017 op RCP8.5 — die geldt hier ook):
[S]ommige uitschieters onder de scenario’s zijn twijfelachtig gezien de huidige schattingen van geofysische haalbaarheid.
Maar CMIP7 herinnert ons er ook aan dat de uitbreidingen verkennend bedoeld zijn, en niet per se aannemelijk hoeven te zijn.
De onderstaande tabel laat zien dat HIGH-2150 tot 2100 vrijwel exact dezelfde stralingsforceringniveaus heeft als de oorspronkelijke versies van RCP8.5 en SSP5-8.5. We zijn weer terug bij af.
In de praktijk is HIGH-2150 dus RCP8.5.
Kijk nog eens goed naar dat paard bij de poort: dat is niet wat we denken dat het is.
Conclusie
Voor de toekomst moeten we ons realiseren dat het CMIP7 HIGH-scenario tot 2150 slechts een opnieuw verpakte versie van RCP8.5 is.
Deze kwestie reikt veel verder dan één opiniestuk in de New York Times. Hausfather, een hoofdauteur van het IPCC AR7, laat mij weten:
[I]n AR7 laten we alle CMIP7 ScenarioMIP-simulaties doorlopen tot 2150.
We gaan dit toch niet allemaal nog een keer doen, of wel?
Noot
1 Hausfather legt uit hoe zijn voorspellingen tot stand zijn gekomen: “Om de opwarmingsresultaten van verschillende generaties scenario’s op een vergelijkbare basis te kunnen vergelijken, heeft Carbon Brief zowel de zeven CMIP7-scenario’s als de CMIP6 SSP-emissiescenario’s door hetzelfde eenvoudige klimaatmodel gehaald.” Iedereen kan natuurlijk een voorspelling doen – caveat lector – maar het is toch wel opmerkelijk om een zelfgeschreven blogpost voor te stellen als de standpunten van de “klimaatwetenschappelijke gemeenschap”.
***
Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd op The Honest Broker op 23 september 2026
Roger Pielke Jr. is een Amerikaanse wetenschapper en expert op het snijvlak van wetenschap en beleid. Hij schrijft kritisch over klimaatbeleid en de rol van wetenschap in het publieke debat, en staat bekend om zijn nuchtere, datagedreven analyses. Pielke was hoogleraar aan de University of Colorado Boulder en publiceert tegenwoordig via zijn Substack-pagina The Honest Broker.
SAVE THE DATE!
Op uitnodiging van Clintel spreekt Roger Pielke Jr. op 11 oktober over extreem weer, klimaatschade, klimaatscenario’s en de politisering van de klimaatwetenschap. Bestel nu uw tickets voor de uitgebreide lezingen op zondagmiddag 11 oktober, vanaf 14.00 uur in Antropia in Driebergen.
***




0 reacties :
Een reactie posten