Ik lieg, hij loog, wij ecologen

 Stichting Agrifacts had voor de boeren namelijk zelf natuurgebieden bezocht, en geconcludeerd dat niet stikstof maar wanbeheer veel natuurgebieden in slechte natuurstaat brengt.




Ik lieg, hij loog, wij ecologen


Door Rypke Zeilmaker.

Op Linkedin is ecologisch adviseur van de overheid, Sander Turnhout boos op ‘de landbouwlobby’, die aan victim blaming zou doen. Stichting Agrifacts had voor de boeren namelijk zelf natuurgebieden bezocht, en geconcludeerd dat niet stikstof maar wanbeheer veel natuurgebieden in slechte natuurstaat brengt. Om zijn eigen betoog kracht bij te zetten verwijst Turnhout naar een staafgrafiek van de Ecologische Autoriteit, een adviesclub van het LVVN-ministerie. Daar lees je dat bij ’96%’ van 70 ‘bezochte gebieden’ stikstof de boosdoener is. En ‘niet optimaal beheer’ zou bij ’41 %’ de oorzaak zijn.
Die boodschap verkocht de Ecologische Autoriteit recent aan de Tweede Kamer in het rapport “Doen wat moet én kan.” Daarin tref je het typische slap geouwehoer over “robuuste natuur” die “gezond” zou moeten worden:

“Essentieel voor een gezonde natuur zijn een gezonde bodem, schoon water en schone lucht. In veel gebieden wordt niet voldaan aan deze randvoorwaarden en is snel verbetering nodig.”

Alsof ‘natuur’ één Persoon is, een atleet die door ecologen in topconditie gebracht kan worden met de juiste voeding, namelijk subsidie.

Turnhout verraadt zichzelf zo niet als wetenschapper, maar als typische ecoloog, mensen die zeker weten zonder iets te meten. Alsof ‘ecologen’ een werkwoord verleden tijd is. Immers, hoe kun je nu tot exact de procent exact meten, wat het van vaagheid uitmuntende ‘niet optimaal beheer’ is. Of dat ‘verstoring’ bij precies 13% van gebieden een rol speelt…

Terwijl natuurbeheer verstoring ís, namelijk het tegengaan van wat de natuur van nature doet. Dat doen beheerders al plaggend, met grote shovels, met grootschalige waterwerken, kettingzagen. Dit is typisch ‘exactheid veinzen’ om te doen alsof je echte wetenschap bedreef.


Turnhout probeert dus richting boeren met een beroep op autoriteit weg te komen. De Ecologische Autoriteit, die is daar dan ook letterlijk voor opgericht. Dat adviesorgaan werd politiek ingesteld door de eerste ‘minister van stikstof’ ter wereld ooit: Christianne van der Wal in 2022.

Ze moeten de Agenda 2030 voor 2030 (einddatum operationele taak) helpen halen: 30 procent van het landelijk gebied achter een groen hangslot. De ‘autoriteit’ opereert vanuit de politieke, valse aanname dat ‘stikstof’ en ‘natuur’ twee kanten van één medaille zijn.

Die ‘autoriteit’ moet de Tweede Kamer adviseren over welke natuurdoelen er gehaald zouden moeten worden in Nederland. En op welke manier. Namelijk: op de manier zoals ambtenarij van LVVN dat samen met door hen gefinancierde belangengroepen bekokstoofde.

Tegenwoordig sluit Rijkswaterstaat zich daar ook bij aan, als natuurplanmaker die 30 procent van de rijkswateren achter een groen hangslot wil zetten.

De Ecologische Autoriteit omschrijft de eigen taak als volgt in een “Position Paper voor Technische Briefing Ecologische Autoriteit voor Tweede Kamercommissie LVVN”:

“De Ecologische Autoriteit staat voor het waarborgen van een feitelijk en wetenschappelijk onderbouwd inzicht in de staat van de Nederlandse natuur. Als onafhankelijk orgaan hebben wij in 2023 en 2024 de natuurdoelanalyse van alle 130 stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden in Nederland beoordeeld.”

Wat zou dit pompeuze taalgebruik opleveren? Een “diepgaand beeld … van de ecologische staat van deze kwetsbare natuurgebieden. Hieruit blijkt dat maatregelen voor natuurherstel mogelijk en snel nodig zijn.”

Ze claimen dus een hogere kennis, die er onmogelijk kan zijn, omdat ze zelf helemaal niets meten. Ze komen een dagje langs, praten met een lokale natuurverbouwer als Natuurmonumenten. Die weten zelf maar kwalijk hoe de eigen gebieden er voorstaan, want ze voeren nauwelijks zelf wetenschappelijk onderzoek uit. Bij Natuurmonumenten gaat 30 miljoen euro per jaar op aan marketing, maar nagenoeg nihil aan wetenschap.


Dus hoe komt dat “diepgaande beeld van de ecologische staat” tot stand?

“Een belangrijk onderdeel van ons werk is het uitvoeren van veldbezoeken. Tijdens deze bezoeken beoordelen we de situatie ter plekke en combineren we onze waarnemingen met de kennis van lokale deskundigen. Deze integratie van feitelijke natuurinformatie en gebiedskennis is cruciaal voor het formuleren van effectieve herstelmaatregelen.”

We lezen hier: Met een dagje uurtje-factuurtje richting LVVN, en koffie met de boswachter.

***





0 reacties :

Een reactie posten