Europa profileert zich als de zelfbenoemde kampioen van de ‘groene’ transitie.
19-1-2026
De ‘groene’ keizer van Europa is naakt en koud
Maar toen de eerste echte winterkou dit najaar over het continent neerdaalde, stortte die façade in onder het gewicht van de fysieke realiteit.
Europa is voor ongeveer 70% van zijn totale energieverbruik afhankelijk van fossiele brandstoffen. Dit cijfer is al die jaren hardnekkig constant gebleven, ondanks de miljarden euro’s die zijn uitgegeven aan zonne- en windenergie-infrastructuur. De veelgeprezen groei van deze technologieën verhult een fundamentele waarheid over energiesystemen die Europese beleidsmakers weigeren publiekelijk te erkennen: elektriciteit dekt slechts een fractie van de totale energievraag.
Vervoer, verwarming, industriële processen en de maakindustrie draaien nog steeds grotendeels op olie, aardgas en steenkool. Het benadrukken van de toename in de opwekking van hernieuwbare energie terwijl het bredere energiebeeld wordt genegeerd, is als trots zijn op een nieuwe voordeur terwijl de rest van het huis in puin ligt.
Eind november werd de kwetsbaarheid van een weersafhankelijk energiesysteem pijnlijk duidelijk toen de temperaturen daalden en de vraag naar verwarming enorm toenam. Dit is een voorspelbaar verschijnsel op het noordelijk halfrond, maar het Europese energiebeleid lijkt er telkens weer door verrast te worden.
Juist toen gezinnen de meeste warmte nodig hadden, weigerde de wind te waaien. Dit is de “Dunkelflaute” – de donkere windstilte – waar ingenieurs al jaren voor waarschuwen. De windenergieproductie kelderde met 20%.
De beheerders van het elektriciteitsnet, die een back-upbron nodig hadden om stroomuitval te voorkomen, grepen niet naar batterijen, die daarvoor volstrekt ontoereikend blijven. In plaats daarvan maakten ze gebruik van een van de belangrijkste energiebronnen van vandaag: aardgas. De gasgestookte elektriciteitsproductie steeg met meer dan 40% om het gat op te vullen dat was ontstaan door de stilgevallen windturbines.
In Nederland lagen de verwarmingsgraaddagen – een maatstaf voor de vraag naar warmte – 35% boven het vijfjarig gemiddelde. Gegevens van half november schetsen een vernietigend beeld van het falen van de zogenaamde hernieuwbare energiebronnen. Tussen 14 en 21 november, toen de eerste koude periode de regio trof, schoot de Europese gasvraag met 45% omhoog.
In absolute termen steeg de dagelijkse gasvraag met 0,6 miljard kubieke meter per dag. Dit was geen geleidelijke stijging. Het was een door paniek veroorzaakte piek van 75% in de verwarmingsbehoefte van huishoudens en bedrijven.
De gasopslagfaciliteiten waren de onbezongen helden van dit drama en voorzagen in ongeveer 90% van de gestegen dagelijkse vraag tijdens een cruciale week. De onttrekking van gas uit opslagfaciliteiten steeg met bijna 450%.
De omvang van deze interventie door aardgas is moeilijk te overschatten. Om de 0,6 miljard kubieke meter gas in perspectief te plaatsen: de energie die overeenkomt met die hoeveelheid gas is gelijk aan de dagelijkse productie van 220 kerncentrales – bijna vijf keer zo groot als de gehele Franse kerncentralevloot.
Stel je de catastrofe voor als Europa zijn netto-nul doelstellingen had bereikt en zijn gasinfrastructuur had afgeschaft. Er bestaat geen enkel batterijsysteem op aarde, noch bestaand noch gepland, dat de energie van 220 kernreactoren zou kunnen leveren.
Ondanks dit waanzinnige gasverbruik zijn de prijzen relatief stabiel gebleven. Dit was niet te danken aan Europees vooruitziendheid. Het was te danken aan het ‘vredesdividend’ van een mogelijke oplossing van het conflict in Oekraïne en, belangrijker nog, een overvloed aan vloeibaar aardgas (LNG) uit de Verenigde Staten.
Hierin schuilt de grootste ironie van het verhaal: een Europese Unie die tegen fossiele brandstoffen en boringen is, houdt haar bevolking alleen in leven dankzij een regering aan de andere kant van de Atlantische Oceaan die wél voor fossiele brandstoffen en de mensheid is. De Verenigde Staten hebben, door de productie van koolwaterstoffen aan te moedigen, het overschot gecreëerd dat nu de Europese huizen verwarmt.
Fossiele brandstoffen zijn de levensader van het dagelijks leven, vooral in ontwikkelde samenlevingen, die niet kunnen draaien op de wensdromen van wind- en zonneaanbidders. De stabiliteit van de Europese samenleving rust vandaag de dag op de schouders van Amerikaanse gasboorders.
De Europese Unie dient als waarschuwing voor wat er gebeurt wanneer ideologie de natuurkunde overtroeft. Klimaatmaatregelen kunnen de wind niet laten waaien. De “groene” keizer heeft geen kleren aan, en het is koud buiten.
Over de auteur
Vijay Jayaraj is onderzoeksmedewerker bij de CO2 Coalition in Arlington, Virginia, en schrijft regelmatig voor de Cornwall Alliance. Hij heeft een masterdiploma in milieuwetenschappen van de University of East Anglia, Verenigd Koninkrijk, en woont in India.
Dit commentaar werd voor het eerst gepubliceerd op RealClear Markets op 16 december.
***


0 reacties :
Een reactie posten