Een grondige analyse van persoonlijke ervaringen van mogelijk bredere betekenis.
23-9-2026
F*c‡-checken en andere aanvallen op onderzoek

Een grondige analyse van persoonlijke ervaringen van mogelijk bredere betekenis.
“Πρὸς φίλους καὶ ἀδελφοὺς ἔστι παρρησία“
“Tegenover vrienden en broeders is er vrijmoedigheid [d.w.z. openhartigheid, vrijuit spreken]”, Aristoteles, Nicomachische Ethiek 1165a29.
“I disapprove of what you say, but I will defend to the death your right to say it“
“Ik keur af wat je zegt, maar ik zal je recht om het te zeggen tot de dood verdedigen”, Evelyn Beatrice Hall, The Friends of Voltaire, als weergave van haar opvatting van Voltaires standpunt.
Door Demetris Koutsoyiannis.
1. Inleiding
Bijna twee jaar geleden vertelde ik in het volgende bericht over mijn ervaringen met moeilijkheden bij het publiceren van mijn onderzoek:
Ik ben flink aangepakt…
DEMETRIS KOUTSOYIANNIS · 24 NOVEMBER 2024

… maar ik won.
Vandaag ga ik verder met dit vermakelijke onderwerp, met de nadruk op aanvallen na publicatie. Climagenda, klimaatalarmisme en klimaatactivisme zijn zeer machtig door hun verbinding met de almachtige climafia. Om afwijkende stemmen te censureren of het zwijgen op te leggen, worden verschillende methoden gebruikt, zoals hieronder geïllustreerd. In de voorbeelden geef ik links en namen van betrokken collega’s wanneer het betreffende materiaal openbaar is. Anders doe ik dat niet; de betrokken partijen mogen hun namen echter gerust bekendmaken door opmerkingen te plaatsen, als zij hun standpunten willen verdedigen.
2. Intrekking
Als klimaatalarmisten er niet in slagen een wetenschappelijk artikel te blokkeren waarvan de bevindingen in strijd zijn met de climagenda, is hun meest gebruikelijke praktijk om de uitgevers ertoe aan te zetten het artikel in te trekken. Dit is in het bijzonder het geval als het artikel correct, vernieuwend en belangrijk is.
Toen de Royal Society (van het Verenigd Koninkrijk) in 2022 onze twee begeleidende artikelen publiceerde, getiteld “Revisiting causality using stochastics” [1], raakten de klimaatalarmisten gealarmeerd en kwamen zij onmiddellijk in actie. Ken Rice [2] maakte een PubPeer-pagina aan en Gavin Cawley [3] plaatste daar opmerkingen. De reden waarom zij dat deden, wordt door Rice [4] in zijn blog onthuld. Hij schrijft:
“Ik dacht dat ik er eenvoudig op kon wijzen dat ik een PubPeer-thread over dit artikel ben begonnen en dat Gavin Cawley al een paar nuttige opmerkingen heeft geplaatst. Een PubPeer-thread over het artikel van Zharkova leverde een vrij uitgebreide commentaarreeks op en speelde waarschijnlijk een rol bij de intrekking ervan. Je zou kunnen aanvoeren dat een artikel niet moet worden ingetrokken alleen omdat een van de case study’s resultaten oplevert die vrijwel zeker onjuist zijn. Anderzijds zou je ook kunnen aanvoeren dat als een van de case study’s zulke resultaten oplevert, dit de hele methode behoorlijk ondermijnt. Je zou ook kunnen aanvoeren dat het nogal gênant is dat een tijdschrift van de Royal Society een artikel kon publiceren met een resultaat dat tegenwoordig zeer duidelijk onjuist is.”
Met andere woorden: deze twee heren hebben zichzelf feitelijk tot rechters benoemd van wat wetenschappelijk fout en juist is, in staat om wetenschappelijke organisaties, waaronder de Royal Society, voor te schrijven wat zij mogen publiceren en wat zij moeten intrekken.
In een later bericht onthult Rice [5] twee dingen: (a) dat zij de Royal Society een e-mail stuurden waarin zij aandrongen op intrekking van onze artikelen, en (b) dat de Royal Society daar negatief op reageerde (hoe durfden ze!). Rice schrijft specifiek:
“Toen het artikel in Proceedings of the Royal Society A vorig jaar verscheen, mailde ik de editor om erop te wijzen dat zij een artikel hadden gepubliceerd met een nogal onzinnig resultaat. Ik kreeg geen antwoord. Ik werd echter in cc gezet bij een antwoord aan iemand anders die eveneens had geklaagd. Dat antwoord was helaas nogal afwijzend en enigszins beledigend. In het antwoord stond dat de kritiek was besproken met het bestuurslid en de vakredacteur die het artikel hadden behandeld. Volgens hen interpreteerde de kritiek wat er in het artikel stond verkeerd en was zij niet goed gefundeerd. Blijkbaar was het resultaat wetenschappelijk intrigerend en zou het voor veel van hun lezers interessant zijn.”
Later werden hun opmerkingen, hetzij letterlijk (met precies dezelfde figuren), hetzij geparafraseerd, door anonieme reviewers gebruikt om vervolgartikelen van mij af te schieten [6]. Ze werden ook gebruikt door zelfverklaarde sceptici om mijn artikelen en die van anderen aan te vallen (zie meer informatie in het grafisch abstract van het essay waarnaar in de meest recente voetnoot wordt verwezen). Bovendien hebben geruchten mij bereikt dat zelfverklaarde sceptici ook aandringen op intrekking van mijn artikelen. Zoals mij werd verteld, zijn de geruchten betrouwbaar, maar er is geen citeerbaar bewijs.
Wat mij verbaast, is de zeer intense ijver en passie van die “sceptici”. Waarom zou iemand, vooral als hij zichzelf als scepticus beschouwt, zich er druk om maken dat iemand anders zijn ideeën, opvattingen en onderzoeksbevindingen publiceert? Zelfs als iemands opvattingen of bevindingen onjuist zijn, waarom zouden andere partijen zich daar zorgen over maken? Het is niet hun verantwoordelijkheid. Het huidige landschap van wetenschappelijke publicaties staat immers vol met artikelen met fouten, of erger nog, met onzinnig materiaal.
Is het de mogelijkheid dat de afwijkende opvattingen juist zijn, in plaats van onjuist, die hen in paniek brengt?
Als citeerbaar voorbeeld dat deze passie illustreert, verwijs ik naar recent werk van een andere collega, Jonathan Cohler [7] (dat overigens overeenstemt met mijn bevindingen). Ik was verbaasd om in e-mailwisselingen — met betrekking tot dit werk en met veel ontvangers die als sceptici worden beschouwd — reacties te lezen als:
“Hij doet de hele sceptische gemeenschap meer kwaad dan 30 jaar alarmistische propaganda.”
Een andere “sceptische” collega zei:
“verwijder hem uit alle verdere correspondentie.”
Een vergelijkbare angst voor schade aan de reputatie van Clintel wordt publiekelijk uitgesproken door Clintel-lid Kees le Pair in een recente Nederlandse blog [8] :
“Mee-organiseren [van een workshop over de koolstofcyclus door Clintel] schaadt de toch al fragile reputatie van de sceptische kijk op het klimaatbeleid.”
In dezelfde blog schreef Dirk Visser [9] in vergelijkbare toon [10]:
“Als Clintel de standpunten van Murray Salby, Hermann Harde, Ed Berry en Demetris Koutsoyiannis serieus gaat nemen slaat het een doodlopende weg in en geeft de geloofwaardigheid van Clintel een zware dreun.”
Waarom gedragen “sceptici” zich met zo’n intense ijver en passie? Waarom willen ze niet dat verschillende opvattingen aan het licht komen? Wie weet… Er zijn verschillende mogelijke verklaringen.
Misschien willen ze bewijzen dat ze redelijke mensen zijn en geen buitenstaanders, op afstand van het establishment. Of misschien willen ze, door geloof te belijden in het dogma “Mensen zijn verantwoordelijk”, overkomen als mensen die bijdragen aan de redding van de planeet. Of misschien is hun ego zo groot dat ze niet willen dat iemand anders iets zegt dat verschilt van wat zij zeggen of kunnen begrijpen. Wat de motivatie ook is, het waarneembare gedrag is hetzelfde: afwijkende opvattingen worden behandeld als iets dat moet worden onderdrukt in plaats van getoetst.
Sommige reacties kunnen langs deze lijnen worden verklaard. Maar het zou dwaas zijn om een andere mogelijkheid niet te overwegen: de climagenda is te belangrijk om op één verdedigingslinie te vertrouwen. Men kan er zeker van zijn dat er meerdere “Surovikin-linies” van verdediging zijn. En zoals de aan Lenin toegeschreven stelregel luidt: “De beste manier om de oppositie te controleren is haar zelf te leiden.” (NB: de stelregel komt niet voor in Lenins teksten — hij vat eerder zijn handelen samen.)
Hoe dan ook, het goede nieuws over mij (maar niet over iedereen) is dat, ondanks de inspanningen, geen van mijn artikelen is ingetrokken (althans tot nu toe).
3. Discussieartikelen
Formele Discussion papers of Commentaries in peer-reviewed tijdschriften zijn de beste manier van wetenschappelijke dialoog, mits de kwaliteitsprotocollen worden gevolgd. Daartoe behoren peer review van de Commentaries en het waarborgen van het recht van de auteurs van het oorspronkelijke artikel om te antwoorden. Deze protocollen kunnen echter worden geschonden wanneer de conventionele wijsheid op het spel staat.
Na publicatie van de hierboven genoemde artikelen van de Royal Society diende Leif Åsbrink een Commentary in, die peer-reviewed werd en voor publicatie werd goedgekeurd [11]. Interessant genoeg is Åsbrink ook lid van Clintel, misschien eveneens bezorgd over de reputatie van “de sceptische gemeenschap”.
Åsbrink betwistte noch onze methodologie noch onze resultaten. Zijn Commentary bevatte niets dat verband hield met ons wiskundige gedeelte. Hij sprak eenvoudigweg zijn onenigheid uit met enkele van onze formuleringen en interpretaties. Deze meningsverschillen stelden ons in staat onze resultaten uit de oorspronkelijke artikelen te bevestigen en verder licht te werpen op waarom onze oorspronkelijke formuleringen overeind blijven.
Ik vermoed dat er meer Commentaries waren ingediend en dat deze na beoordeling als de beste werd geselecteerd — wat betekent dat het niveau van kritiek in de andere inzendingen nog lager was. Mijn vermoeden is gebaseerd op het antwoord dat ik van de Royal Society kreeg op mijn e-mail waarin wij onze bereidheid uitten om op elke Commentary die zij ontvingen een Reply te geven. Zij verduidelijkten dat hun beleid slechts voorziet in de publicatie van één commentaar op een artikel.
De Royal Society wees onze Reply op de Commentary van Åsbrink echter af. Zoals ik elders [12] schreef, begrijp ik hen achteraf volledig, gezien de reacties van bepaalde groepen en de druk om onze artikelen in te trekken. Ik ben tevreden dat de Royal Society die druk heeft weerstaan.
Niettemin publiceerden we elders een zelfstandig artikel [13], dat ook informatie en analyses bevatte die de beweringen van Åsbrink betwistten, en we informeerden alle partijen daarover met de volgende e-mail aan Åsbrink, met de redacteuren van de Royal Society in cc:
“Op 2023-09-21 20:25 schreef Demetris Koutsoyiannis:
Geachte dr. Åsbrink,
Hieronder kopieer ik onze eerdere correspondentie (van meer dan een jaar geleden), zodat alle ontvangers zich de zaak gemakkelijk kunnen herinneren.
Zoals u in mijn laatste e-mail ziet, wenste ik dat uw commentaar op onze artikelen zou worden aanvaard. Mijn wens kwam uit en uw commentaar werd aanvaard en gepubliceerd. Maar ons antwoord werd afgewezen.
Ik wilde u laten weten dat wij hebben geprobeerd uw commentaar via de formele procedures van PRSA recht te doen. Concreet:
— Eerst stelden we een zeer gedetailleerd antwoord op waarin al uw punten werden behandeld; dat werd niet aanvaard omdat het te lang was.
— Vervolgens stelden we een kort antwoord op, volgens de instructies en de paginalimieten die ons waren opgelegd. Dit werd door de Editor afgewezen zonder het ter beoordeling voor te leggen.
— Op onze klacht dat dit in strijd was met hun eigen regels, zoals vermeld op hun website, antwoordden zij dat het hun speet dat hun website misleidend was.
Intussen besloten we ergens anders een zelfstandig artikel in te dienen. Het duurde lang voordat ons artikel werd gepubliceerd, maar uiteindelijk slaagden we daarin een week geleden (zoals u op de voorpagina kunt zien, waren er vier redacteuren nodig om te beslissen):
Artikel: https://doi.org/10.3390/sci5030035
Altmetrics: https://mdpi.altmetric.com/details/154244550/twitter
In ons nieuwe artikel behandelen we al uw bezwaren, evenals die van andere critici die op blogs en sociale media berichten plaatsten en probeerden fouten in onze artikelen te vinden.
Wij danken u voor uw commentaar, dat ons hielp de T/CO₂-kwestie verder te onderzoeken en onze resultaten en ons vertrouwen daarin te versterken.
Met vriendelijke groet, namens alle coauteurs,
Demetris Koutsoyiannis
National Technical University of Athens”
Aanvullende informatie over hoe het nieuwe artikel de beweringen van Åsbrink weerlegt, is te vinden in een ander document. [14]
Over een ander artikel van mij, “Net Isotopic Signature of Atmospheric CO₂ Sources and Sinks: No Change since the Little Ice Age” [15], publiceerde Arno Kleber eveneens een formele Commentary. [16] De redacteuren van het tijdschrift nodigden mij uit om te antwoorden en stuurden mij daarbij ook de Commentary en de twee beoordelingen. Beide waren zeer positief. Beide reviewers leken erg tevreden met hun gedachte dat het commentaar mijn artikel onderuit had gehaald. Ik ben echter van mening dat het mijn Reply [17] is die de Commentary effectief ontmantelde. Deze keer publiceerden de redacteuren mijn Reply. Ondanks dat blijven de klimaatalarmisten tevreden met de gepubliceerde Commentary — zij verwijzen er zeer vaak naar in blogs en sociale media, maar laten na de Reply te vermelden. Het gedrag van AI-bots is vergelijkbaar.
4. Factchecking
Omdat de pogingen om mijn artikelen in te trekken in mijn geval mislukten en de Commentaries weinig opleverden, werd een volgend wapen ingezet: het f*c‡-checken van mijn artikelen. Dit wordt doorgaans gedaan door nieuwsagentschappen, waar de betekenis van “nieuws” zich de laatste tijd heeft ontwikkeld door “factchecking” op te nemen, zodat het synoniem is geworden met “propaganda”.
In 2023, kort nadat ons artikel “On Hens, Eggs, Temperatures and CO₂: Causal Links in Earth’s Atmosphere” [18] was gepubliceerd, werd ik benaderd door een journalist die voor Duitse nieuwsagentschappen werkte. Hij vertelde me dat een bepaald agentschap (een beroemd agentschap — wat een eer voor mij!) hem de opdracht had gegeven dat artikel te factchecken. Hij was zeer eerlijk en professioneel. We wisselden veel e-mails uit en hadden ook videoconferenties.
Ik vroeg hem of hij meende voldoende kennis te hebben om een artikel te factchecken dat het resultaat was van intensief wetenschappelijk onderzoek. Hij antwoordde eerlijk: nee, maar het agentschap had hem deze taak toegewezen.
Na de intensieve uitwisselingen en discussies had ik het gevoel dat de journalist ervan overtuigd was dat alles in het artikel juist was. Ik vroeg hem of hij daarna een factcheckartikel zou publiceren waarin hij zijn positieve oordeel over het artikel zou geven. Hij antwoordde eerlijk dat zijn agentschap
“niet geïnteresseerd is in het publiceren van onderzoeksresultaten die ingaan tegen wat de wetenschappelijke consensus wordt genoemd.”
Ik waardeerde dit eerlijke antwoord. Natuurlijk was het feit dat het agentschap niets positiefs over het artikel zou publiceren voor mij geen verrassing. Voor zover ik weet heeft dit agentschap inderdaad nooit iets over mijn werk gepubliceerd — en dat is een voldoening.
Een paar maanden geleden kreeg ik nog zo’n e-mail over een ander artikel van mij, het isotopenartikel waarop Kleber zijn Commentary maakte. Deze keer kwam de e-mail van Agence France-Presse (AFP) en stond erin dat zij met deskundigen op het gebied van klimaatwetenschap hadden gesproken en dat die verschillende punten over mijn studie hadden opgeworpen. Op mijn beurt stelde ik hun vergelijkbare vragen als hierboven, maar deze keer kwam er geen antwoord, behalve dat hun doelgroep die van sociale media is. Ik vroeg ook: waarom volgden deze “experts” niet de formele academische procedure om hun kritiek op mijn artikel in wetenschappelijke tijdschriften te publiceren?
Ik wees er ook op dat een andere expert (Kleber) wél de formele academische procedure had gevolgd en zijn Commentary op mijn artikel had gepubliceerd, waarop ik formeel had geantwoord. Mijn vragen bleven onbeantwoord, maar ik antwoordde wel op die van hen. Mijn volledige antwoorden staan hieronder bijgevoegd.
Email reply by DK to the AFP agency about “fact checking” the 2024 Sci paper
621KB ∙ PDF file
Uiteindelijk plaatste AFP in het Zweeds een bericht over mijn artikel [19], dat als volgt begint (machinevertaling naar het Engels):
“Misleidende beweringen over klimaatverandering verspreiden zich op sociale media na de hittegolf in Europa
Gepubliceerd 7 juli 2026 16:42 — Leestijd: 7 minuten
Anna HOLLINGSWORTH, AFP Finland
Ondanks de overweldigende consensus onder wetenschappers over door de mens veroorzaakte klimaatverandering, is een Griekse peer-reviewed studie uit 2024 verspreid in Zweedse posts op sociale media waarin ten onrechte wordt beweerd dat er geen bewijs is voor significante hoeveelheden koolstofdioxide uit menselijke activiteiten in de atmosfeer.
Klimaatwetenschappers die door AFP zijn geïnterviewd, plaatsten vraagtekens bij de conclusies van de studie en zeiden dat deze werd gebruikt om misleidende en onjuiste beweringen over klimaatverandering te verspreiden.”
Het enige deel van mijn antwoord dat in dit bericht wordt geciteerd, is:
“In een e-mail aan AFP op 30 juni 2026 wees Koutsoyiannis, de auteur van de studie, de kritiek op de studie van de hand. ‘Ik vertrouw op en volg de wetenschappelijke methode, niet het IPCC of enige andere politieke of wetenschappelijke autoriteit’, zei hij.”
Het bericht noemt de “experts” die mijn werk “vriendelijk” beoordeelden en het fout bevonden: Alexander J. Turner en Alex Vermeulen. Zij zeggen niets specifieks over mijn artikel (bijvoorbeeld door fouten te citeren die zij erin vonden); ze herhalen slechts het gebruikelijke verhaal.
Hetzelfde artikel werd ruim een jaar eerder ook gefactcheckt door de Oostenrijkse factcheckingsite Mimikama [20]. In dit geval nam de factchecker niet de moeite om contact met mij op te nemen en een vraag te stellen. In plaats daarvan werd ik door een collega op het bericht geattendeerd, waarop ik antwoordde:
“Uit de Google-vertaling begrijp ik dat het bericht waarnaar je linkt onzin is. Ik denk niet dat het enige moeite verdient om erop in te gaan.”
Een ander artikel van mij, “Refined Reservoir Routing (RRR) and Its Application to Atmospheric Carbon Dioxide Balance” [21], werd gefactcheckt door de Deutsche Presse-Agentur (DPA — Duits Persagentschap) [22]. Ook hier werd ik niet uitgenodigd om enige uitleg te geven. Ook hier denk ik niet dat het enige moeite verdient om erop in te gaan.
Het lage niveau van de kritiek van deze f*c‡-checkagentschappen is natuurlijk te verwachten. Ik neem aan dat hun bazen, onder wie machtige politieke figuren zoals Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, die ons probeert te beschermen tegen de existentiële bedreiging van vrije meningsuiting (die zij “information manipulation” noemt) [23], tevreden zijn. Maar ik vraag me af of iemand die het bewijs zorgvuldig onderzoekt dit serieus kan nemen en tevreden kan blijven met de manier waarop zijn geld wordt besteed door aan deze agentschappen te worden verstrekt.
5. Argumentum ad hominem
Dit is de meest geliefde tactiek in blogs en sociale media. Neem dit als een typisch voorbeeld:

https://x.com/ItsTheAtmospher/status/2094287191132491922
Hier hebben we een pseudonieme reageerder die stellige beweringen doet. Ten eerste zegt hij terecht dat ik hydroloog ben — maar ik onderzoek de betekenis daarvan hieronder. Ten tweede zegt hij dat mijn wiskunde nergens op slaat, zonder ook maar één voorbeeld te geven. Ten derde presenteert hij het feit dat ik mezelf citeer als een probleem.
Dit is aantoonbaar een leugen (zie andere leugens in de volgende sectie), die wordt tegengesproken door het gepubliceerde dossier, omdat ik veel andere auteurs citeer. Natuurlijk citeer ik ook eerdere werken van mezelf — die waarop het nieuwe artikel voortbouwt.
Wat zou het alternatief zijn? De resultaten van eerdere werken verbergen? Het betreffende materiaal uit de oude artikelen kopiëren/plakken in het nieuwe artikel en mezelf ad infinitum herhalen? Ten vierde gebruikt hij een verwijzing naar een blog die mijn werk probeert te weerleggen. In dit opzicht is Klebers Commentary de populairste trollverwijzing geweest, maar in dit geval verwijst hij naar een 18 jaar oud bericht op de klimaatsite RealClimate.
Het “argument” van zelfverwijzing is zeer populair geweest. Als ander voorbeeld schreef Dirk Visser onlangs in een blog: [24]
“Die wetenschappelijke standpunten zijn weliswaar een samenhangend geheel, de genoemde auteurs [Murray Salby, Hermann Harde, Ed Berry en Demetris Koutsoyiannis] verwijzen vooral naar elkaar en naar zichzelf maar de wetenschap ervan is dubieus en is gebaseerd op drijfzand. Het is een kaartenhuis dat vroeg of laat instort.”
In een andere reactie op dezelfde blog gaat dezelfde persoon nog een stap verder en suggereert hij dat ik dom ben [25]:
“Ik ben voorlopig niet van plan hem [Koutsoyiannis] aan te pakken, het lijkt me vergeefse moeite. Hij is inderdaad goed in statistiek maar ook zeer overtuigd van zijn eigen gelijk. Zijn berekeningen zijn goed maar de interpretatie niet.
Ik moet onwillekeurig aan de uitspraak van Mark Twain denken:
‘Never argue with stupid people, they drag you down to their level and beat you with experience.’
Ik waardeer natuurlijk dat hij erkent dat ik goed ben in statistiek. Anderen zijn strenger voor mij, zoals deze troll [26], die een diagnose stelt van
“een frauduleus ‘artikel’ van de kwaadwillig misleidende charlatan Demetris Koutsoyiannis, gepubliceerd door de roofzuchtige nepredacteur-uitgever MDPI.”
Terug naar Dirk Visser: in een andere reactie op dezelfde blog zegt hij: [27]
“Koutsoyiannis is hydroloog, bedreven in stochastiek en statistiek. Zijn werk in de hydrologie wordt alom gewaardeerd, hij is een uitstekend wetenschapper.
Maar jammer genoeg gebruikt hij zijn vaardigheden in geavanceerde statische methoden (zoals het gebruik van impuls respons functies) op onjuiste manier in de klimatologie. Om een van zijn grootste misgrepen te noemen: hij beweert aangetoond te hebben dat CO2 altijd de temperatuur volgt en dat voortdurende stijging van CO2 het gevolg is van de temperatuurstijging. Dat doet hij aan de hand van data waarvan hij differenties heeft genomen. In die data zit dan absoluut geen trend maar wel kortdurende fluctuaties.
Die fluctuaties laten inderdaad zien dat CO2 met een vertraging van 7 maanden de temperatuur volgt maar de respons daarvan is zwak: ~7 ppm/K.
Zijn fouten zijn: deze respons toepassen op de achtergrondtrend en de respons opblazen tot ruim 100 ppm/K.”
Ik zal hier niet antwoorden op de kern van zijn commentaar, omdat hij uitgebreide antwoorden over de toepasbaarheid van de T→CO₂-causaliteit op alle tijdschalen kan vinden in peer-reviewed artikelen [28] en andere documenten. [29]
Ik zal alleen reageren op het eerste deel van het commentaar, namelijk dat ik hydroloog ben — hetzelfde als in het eerste voorbeeld dat ik in deze sectie gaf. Dit is een favoriet argument van zowel naamhebbende critici, zoals hier, als trolls. Andere critici en trolls benadrukken ook dat ik civiel ingenieur ben.
Beide zijn correct: ik ben civiel ingenieur en ik ben hydroloog — maar zoals typisch voor mensen ben ik nog veel meer dingen. Hun doel is echter erop te wijzen dat ik niet goed ben in klimatologie — zoals in het bovenstaande commentaar wordt geïmpliceerd — of dat ik geen relatie met klimaat heb — zoals in opmerkingen van trolls wordt beweerd.
Ten eerste werd het klimaat, gezien de manier waarop de zaken zijn gelopen, bijvoorbeeld met klimaatmodelleurs die het klimaat van een virtuele wereld simuleren om dreigingswaarschuwingen af te geven en zo de politiek gedreven climagenda te dienen, een te ernstige zaak om aan “klimaatwetenschappers” toe te vertrouwen.[30] Ingenieurs daarentegen hebben een bewezen staat van dienst bij het aanpakken van problemen uit de echte wereld.
Ten tweede suggereert de geschiedenis van de wetenschap dat een van de invloedrijkste klimatologen uit de geschiedenis, die ons begrip van een veranderend klimaat heeft verdiept, Milutin Milanković was. Van beroep was hij civiel ingenieur. Zowel zijn universitaire studie als zijn doctoraat waren in de civiele techniek.
Ten derde staat hydrologie niet los van klimaat. Hydrologie is de wetenschap van water op aarde en het klimaat wordt voornamelijk door water gevormd. [31]
Ten vierde kan ik, om mijn baard te zalven [opm. i.v.m. vertaling, zie 38] in een sectie die aan argumentum ad hominem is gewijd, verwijzen naar de lijst van mijn 84 publicaties die met klimaat te maken hebben, waarvan 47 in peer-reviewed tijdschriften. [32] Ik kan ook de volgende schermen tonen, die suggereren dat mijn bibliometrische ranglijsten mij wereldwijd tot de top 1% in de klimatologie rekenen. Meer specifiek rapporteerden zowel ResearchGate als Google Scholar op het moment van schrijven scores die hoger waren dan die van 99% (ofwel: behorend tot de top 1%) van de onderzoekers in de klimatologie in hun databases.
DK’s ResearchGate statistieken met betrekking tot de klimatologie.

Het eerste scherm van Google Scholar, met in totaal 1679 wetenschappers onder de tag ‘klimatologie’, en de top 10 van wetenschappers op basis van het aantal citaten.
Het tweede scherm van Google Scholar, met in totaal 1679 wetenschappers onder de tag ‘klimatologie’, waarop de wetenschappers op de plaatsen 11 tot en met 20 staan, gerangschikt naar het aantal citaten.

6. Flagrante leugens
Ik heb in eerdere secties al naar leugens verwezen. Trolls verspreiden echter grotere, flagrante leugens. Bijvoorbeeld dat mijn artikelen niet peer-reviewed zouden zijn, terwijl dat natuurlijk wel het geval was, [33] of dat ik niet op Commentaries zou hebben gereageerd, terwijl ik dat natuurlijk wel heb gedaan. [34]
Men kan zeggen dat het typisch is voor trolls — hetzij menselijke trolls met valse namen, hetzij machinale trolls (bots) — om leugens te vertellen. Maar ook naamhebbende collega’s schuwen leugens niet. Zo beschuldigde Åsbrink mij ervan “religieuze” argumenten aan te voeren [35], terwijl ik niet denk dat een van mijn artikelen een beroep doet op religie.
Bovendien verspreiden ook “officiële” bots leugens. Zij zijn veel gevaarlijker dan gewone trolls, omdat mensen geneigd zijn te geloven wat deze bots zeggen. Als voorbeeld plaatste Grok op X dat mijn artikel uit 2023, “On Hens, Eggs, Temperatures and CO₂: Causal Links in Earth’s Atmosphere” [36], was ingetrokken:
https://x.com/grok/status/1962206075761078678
Toen ik Grok hierop wees, bood het mij excuses aan [37] en stelde het dat geen van mijn artikelen ooit was ingetrokken. Het plaatste echter geen correctie in de betreffende thread.
***
“Dit bericht is openbaar, dus voel je vrij om het te delen en te reproduceren, met een link naar de oorspronkelijke bron.
Bedankt voor het lezen van Climath! Abonneer je gratis om nieuwe berichten te ontvangen.
***

Demetris Koutsoyiannis.
Voetnoten
1. Koutsoyiannis, D., Onof, C. Christofides, A., en Kundzewicz, Z.W., 2022. Revisiting causality using stochastics: 1. Theory. Proceedings of The Royal Society A, 478 (2261), 20210835, doi: 10.1098/rspa.2021.0835.
Koutsoyiannis, D., Onof, C. Christofides, A., en Kundzewicz, Z.W., 2022. Revisiting causality using stochastics: 2. Applications. Proceedings of The Royal Society A, 478 (2261), 20210836, doi: 10.1098/rspa.2021.0836.
2. K. Rice, comment #1 op de PubPeer-site bij “Revisiting causality using stochastics: 2. Applications” (2022), https://pubpeer.com/publications/7828A34E1F905217D557E4F8E93CC1
3. G. C. Cawley, comment #3 op de PubPeer-site bij “Revisiting causality using stochastics: 2. Applications” (2022), https://pubpeer.com/publications/7828A34E1F905217D557E4F8E93CC1#3
4. …and Then There’s Physics (blog van K. Rice), Revisiting causality using stochastics (2022), https://andthentheresphysics.wordpress.com/2022/07/27/revisiting-causality-using-stochastics/
5. …and Then There’s Physics (blog van K. Rice), Scientifically intriguing? (2023), https://andthentheresphysics.wordpress.com/2023/10/01/scientifically-intriguing/
6. Koutsoyiannis, D., 2024. From hen’s egg to serpent’s egg: Peer reviews and other attacks on science for silencing voices opposing the “climate crisis” narrative, NTUA, Athens, https://www.itia.ntua.gr/en/docinfo/2468/.
7. Cohler, J., 2025. Isotopic falsification of the fossil-dominant hypothesis for atmospheric CO₂, https://drive.google.com/file/d/1U6pSIvPkf-BLYCu88Z8PKoo5M1I0dbWr/view?pli=1.
Podcastpresentatie: Jonathan Cohler: “Fossil fuel combustion drove essentially none of the atmospheric CO₂ growth”, https://www.youtube.com/watch?v=xuEdCaS7Gqs.
8. https://www.climategate.nl/2026/09/controverse-over-de-koolstofcyclus/, commentaar gedateerd 8 sep 2026 15:20.
9. Als algemene regel voor dit bericht geef ik voor iedere persoon naar wie ik verwijs ook een link naar het Google Scholar-profiel als indicatie van diens wetenschappelijke identiteit. Voor Dirk Visser kon ik geen “coördinaten” vinden. Hopelijk herstel ik deze omissie in een update van het bericht.
10. Zie voetnoot 8, commentaar gedateerd 8 sep 2026 09:39.
11. Åsbrink, L., 2023. Revisiting causality using stochastics on atmospheric temperature and CO₂ concentration. Proceedings of the Royal Society A, 479 (2269), 20220529.
12. https://judithcurry.com/2023/09/26/causality-and-climate/#comment-995095.
13. Koutsoyiannis, D., Onof, C., Kundzewicz, Z.W., en Christofides, A., 2023. On hens, eggs, temperatures and CO₂: Causal links in Earth’s atmosphere. Sci, 5 (3), 35, doi: 10.3390/sci5030035.
14. Zie voetnoot 6, p. 45 van 52.
15. Koutsoyiannis, D., 2024. Net isotopic signature of atmospheric CO₂ sources and sinks: No change since the Little Ice Age. Sci, 6 (1), 17, doi: 10.3390/sci6010017.
16. Kleber, A., 2024. Comment on Koutsoyiannis, D. Net Isotopic Signature of Atmospheric CO₂ Sources and Sinks: No Change Since the Little Ice Age. Sci 2024, 6, 17. Sci, 6 (4), 62, doi: 10.3390/sci6040062.
17. Koutsoyiannis, D., 2024. Definite change since the formation of the Earth. Reply to Kleber, A. Comment on “Koutsoyiannis, D. Net Isotopic Signature of Atmospheric CO₂ Sources and Sinks: No Change Since the Little Ice Age. Sci 2024, 6, 17”. Sci, 6 (4), 63, doi: 10.3390/sci6040063.
19. I sociala medier sprids missvisande påståenden om klimatförändringarna efter värmeböljan i Europa | Faktakoll, https://faktakoll.afp.com/doc.afp.com.B8NB2CQ
20. CO₂-Signatur seit 40 Jahren unverändert? (Faktencheck), https://www.mimikama.org/co2-signatur-40-jahre-unveraendert/.
21. Koutsoyiannis, D., 2024. Refined Reservoir Routing (RRR) and its application to atmospheric carbon dioxide balance. Water, 16 (17), 2402, doi: 10.3390/w16172402.
22. Klimawandel – Treibhausgase tragen zur Erwärmung der Atmosphäre bei, https://dpa-factchecking.com/germany/260903-99-523553/.
23. In haar volgende toespraak (bekijk de video rond 14:00) stelt Ursula von der Leyen vrije meningsuiting, die zij “information manipulation” noemt, parallel aan een virus en censuur aan het vaccin daarvan. https://youtu.be/nd8TqAur-wE
24. Zie voetnoot 8, commentaar gedateerd 8 sep 2026 09:39.
25. Zie voetnoot 8, commentaar gedateerd 8 sep 2026 11:01.
26. X-bericht van “Philalethes Eirenaios”, 5 jun 2026, https://x.com/e_philalethes/status/2062923633257787782.
27. Zie voetnoot 8, commentaar gedateerd 9 sep 2026 00:45.
28. “On hens, eggs, temperatures and CO₂: Causal links in Earth’s atmosphere”, zoals in voetnoot 12. Ook: Koutsoyiannis, D., 2024. Stochastic assessment of temperature – CO₂ causal relationship in climate from the Phanerozoic through modern times. Mathematical Biosciences and Engineering, 21 (7), 6560–6602, doi: 10.3934/mbe.2024287.
29. Christofides, A., Koutsoyiannis, D., Onof, C., en Kundzewicz, Z.W., 2023. Causality, Climate, Etc. doi: 10.13140/RG.2.2.21608.44803, Climate Etc. (blog van Judith Curry), 370 pp., https://www.itia.ntua.gr/en/docinfo/2353/.
30. Hier parafraseer ik de stelregel van Georges Clemenceau: “La guerre! C’est une chose trop grave pour la confier à des militaires.”
31. Koutsoyiannis, D., 2021. Rethinking climate, climate change, and their relationship with water. Water, 13 (6), 849, doi: 10.3390/w13060849.
Koutsoyiannis, D., en Vournas, C., 2024. Revisiting the greenhouse effect—a hydrological perspective. Hydrological Sciences Journal, 69 (2), 151–164, doi: 10.1080/02626667.2023.2287047.
32. https://www.itia.ntua.gr/en/search/?authors=koutsoyiannis&tags=climate.
33. Ik verwijs naar dit X-bericht, dat de “auteur” later verwijderde, maar dat door de Wayback Machine is bewaard. Zie ook een antwoord op dat X-bericht van Kenneth Richard:
Niet weergegeven. Zie bron.
https://web.archive.org/web/20250901032323/https://twitter.com/matzxl/status/1962355580569338335
https://x.com/Kenneth72712993/status/1962395866599166292
34. Ik verwijs naar dit X-bericht, dat de “auteur” later verwijderde, maar dat door de Wayback Machine is bewaard.
Niet weergegeven. Zie bron.
https://web.archive.org/web/20250901032601/https://twitter.com/matzxl/status/1962356242833096756
Zie ook een antwoord op dit bericht van Kenneth Richard:
Niet weergegeven. Zie bron.
https://x.com/Kenneth72712993/status/1962398811487125767
35. https://klimatupplysningen.se/klimataktivisters-mobbning-av-arliga-forskare/#comment-470776.
37. https://climath.substack.com/p/is-grok-schizophrenic-exploring-contradictions/comment/151062046
38. Opmerking i.v.m. vertaling : De uitdrukking “to bless my beard” betreft een letterlijke vertaling van de Griekse idiomatische uitdrukking “Ευλογώ τα γένια μου”, wat neerkomt op opscheppen of jezelf op de borst kloppen.
***

0 reacties :
Een reactie posten