Door Rypke Zeilmaker.

Irene Heemskerk, hoofd van het Climate Change Centre van de Europese Centrale Bank dankt haar baan aan twee neologismen: Natuurrisico en Klimaatrisico. Dit betekent dat je de lasten van Verenigde Naties-politiek als bank leert afschuiven op anderen, uit naam van ‘financiële stabiliteit.’ Zodat banken niet net als in 2008 weer bijna omvallen, door een teveel aan risicovolle leningen. Zelf noemt Heemskerk dat anders. In december bracht zij met de ECB nog een rapport uit over dit fenomeen, ‘Nature at Risk.’ Alsof de ECB zich bekeerde tot het Greta Thunbergisme.

Vóór 2015 was groen activisme bij Global Banking nog omstreden. Maar dat veranderde, nadat Mark Carney (toen Gouverneur Bank of England) Thunberg haar klimaatpaniek ging verpakken in bankierstaal. Als ‘klimaatrisico’: een bedreiging voor de stabiliteit van het mondiale financieel stelsel. Sinds de financiële crisis van 2007/8 moeten banken van de centrale bank steeds meer de risico’s rapporteren van hun portfolio. Banken moeten risicovolle hypotheken herwaarderen, door bijvoorbeeld de rentelasten voor klanten op te schroeven.

Carney voegde daar ‘klimaatrisico’-rapportage aan toe, samen met Frank Elderson. (De Nederlandse Bank) Olie- en gasvoorraden zouden in de toekomst bijvoorbeeld ‘stranded assets’ kunnen worden. Onwinbare voorraden. Want om het klimaatdoel van de Verenigde Naties te halen, zou tweederde van de bekende olie- en gasvoorraden in de grond moeten blijven. Olie en gasvelden zouden door klimaatbeleid dus een risicovolle belegging worden, net als een risicovolle huizenhypotheek. Iets dat de banken als waardeloos moeten afschrijven.

Pas je dat ‘klimaatrisico’ toe op investeringen, dan moeten banken de lening aan de olie- en gasboer duurder maken. Zodat de bank het risico kan afdekken. Daar komt nu dus ook ‘natuurrisico’ bij. Stel dat je lening van je bank –  op basis van ECB modellen – plots een hoog ‘natuurrisico’ krijgt toebedeeld. Dan moet je daar plots veel meer voor betalen. Ook moeten banken met een hoog ‘natuurrisico’ in hun portfolio meer kapitaal achter de hand houden. Dus zullen ze je lening graag afstoten. Nieuwe regels voor zulke risicorapportage door banken (Basel 3.1) gaan in 2027 in werking.

Die rapportage behandelt dan ook zogenaamd ‘natuurrisico.’ De ECB keek daarom naar 4,4 duizend miljard euro aan leningen die banken hebben uitstaan. Ze vroegen zich af hoeveel van die leningen bloot staan aan financiële risico’s door natuur- en milieubeleid.  Volgens een ondoorgrondelijk rekenmodel, dat de ECB ontwikkelt voor risicorapportage, ‘Nature Value at Risk’ (NVaR), lopen precies 19 procent (…) van al die 4400 miljard euro aan leningen een ‘natuurrisico.’ Waterkwaliteit en waterschaarste zouden bijvoorbeeld zogenaamde ‘ecosysteemdiensten’ bedreigen, van de mijnbouw tot de landbouw.


Bij droogterisico praat je over droogte in een rekenmodel van klimaatactivisten, dat de ECB als ‘experts’ gebruikt. Het World Resources Institute – waar Stientje van Veldhoven (D66) Europees directeur werd – heeft bijvoorbeeld een ‘waterrisico’-atlas ontwikkeld. Die geeft risicogebieden weer waar ‘de’ klimaatverandering genadeloos zou toeslaan, met droogte of juist extra neerslag. Die atlas vormt input van het ECB haar eigen model, naast een ‘Water Exploitatie Index’ van het European Environmental Agency. Die geeft aan waar bijvoorbeeld de landbouw, last van ‘waterstress’ kan krijgen.

Tot zover zou je kunnen denken, “Ach, de ECB heeft teveel academici in dienst. Hou ze lekker bezig met abstracte oefeningen.” Maar helaas werkt dat zo niet. Denk bijvoorbeeld aan leningen aan boeren, die land pachten in tot ‘droogtegevoelig gebied’ verklaarde zones. Of gepacht land, waar de bedrijfsvoering plots zou bijdragen aan een stikstofcrisis. Die leningen, dienen bij toekomstige toepassing van de risicomodellen van de ECB dus duurder te worden. Zo ontwikkel je dus met ‘natuurrisico’ via de bancaire sector een vorm af van ‘afpersing via modeloefeningen’…

En die constructie kennen we al uit de Nederlandse praktijk. Immers, honderden boeren rond de Veluwe moeten uit naam van ‘stikstof’ verdwijnen. Ze kunnen hun land dan enkel nog verkopen aan de overheid, tegen een ‘offer you can’t refuse’. Want het stikstofmodel Aerius en door deskundigen bedachte ‘hersteldoelen’ voor nabije natuur, die maken hun land op papier plots ongeschikt voor vérder boeren.


Risicomodellen voor ‘natuur’ helpen boerenland afwaarderen tot een zogenaamde ‘stranded asset’: grond met een veel lagere marktwaarde dan lucratieve landbouwgrond. Zonder dat daar enig democratisch besluit aan te pas komt. De risicomodellen regeren over het Parlement heen.

Heemskerk’s ECB verheft die Nederlandse praktijk nu dus tot bancair wapen.

***
Bron: De Andere Krant hier.