Onduidelijke regels maken pensioenfondsen onbestuurbaar

Datum:
  • donderdag 13 augustus 2020
  • in
  • Categorie:
  • Tussen 2022 en 2026 gaat de overgrote meerderheid van de werknemers en gepensioneerden over naar een nieuw pensioenstelsel.

    13-8-2020

    Tot die tijd gelden nog de regels van het huidige stelsel. Die zeggen dat de premies fors omhoog moeten volgend jaar. Maar minister Wouter Koolmees (D66) vindt van niet. Dat brengt pensioenfondsbestuurders in een onmogelijke positie, schrijft Jeroen van Wensen. Zij moeten opeens kiezen tussen werknemer en gepensioneerde.

    Pensioenfondsen moeten nu beslissen hoeveel premie zij volgend jaar incasseren bij werkgevers. Bij die premievaststelling (hoeveel kost 1 euro toekomstige pensioenopbouw) moeten zij een inschatting maken van het te verwachten rendement op de beleggingsportefeuille. Daarvoor dient een set wettelijk voorgeschreven (mede door minister van Sociale Zaken Koolmees ) beleggingsrendementen, rentestanden en de inflatie.

    Peperduur voor pensioenfondsen

    Maar de (te verwachten) rendementen en rente zijn zo sterk gedaald, dat het pensioen peperduur is geworden. Met als gevolg dat de premies door het dak gaan. Kort gezegd zitten de meeste fondsen met hun premie dit jaar tussen de 20 en 25 procent, maar die premie kan volgend jaar stijgen naar wel 30 procent.
    Die premie wordt geheven over het pensioengevend loon, dat is het jaarloon verminderd met de zogeheten AOW-franchise van ongeveer 15.000 euro. Bij een inkomen van 65.000 euro per jaar kan de pensioenpremie volgend jaar dus uitkomen op 15.000 euro, waar dat nu nog 10.000 euro is. Daardoor daalt het (netto-)loon, want de pensioenpremie betaalt de werknemer zelf, ook al draagt de werkgever de premie af. Pensioenpremies komen uit de loonruimte.
    Tegelijkertijd hebben de fondsen van de minister de opdracht gekregen om de premiestijgingen binnen de perken te houden tot de overstap in 2026 is geregeld. Zo schreef Koolmees in een brief bij het Pensioenakkoord: ‘Gegeven de uitzonderlijke economische situatie is het logisch dat sociale partners afspreken om de pensioenpremie en pensioenopbouw in ieder geval het komende jaar zoveel mogelijk stabiel te houden.’

    Verslechterde dekkingsgraad

    In dat stabiel houden van premies en opbouw zit wel een probleem. Als een fonds de premies volgend jaar niet verhoogt, dan moet de pensioenopbouw omlaag.
    Verlaagt een fonds de opbouw toch niet (om die stabiel te houden), dan stroomt er te weinig geld in de pensioenkas van het fonds. Daardoor verslechtert de financiële positie van het fonds, en draaien gepensioneerden mogelijk op voor de rekening, met extra kortingen op hun uitkering (de zogeheten dekkingsgraad verslechtert door de te lage premiedekkingsgraad).
    Voor pensioenfondsbestuurders een onmogelijke keuze, want wat moeten zij volgen: de wens van Koolmees of de regels van Koolmees? Het is hoog tijd dat de minister daarover duidelijkheid verschaft.
    ELSEVIER

    1 reacties :

    Anoniem zei

    De onduidelijke regels zijn bedoeld om onze pensioenen over te hevelen naar Brussel, zo simpel is dat. In de zuidelijke EU landen met 55 met pensioen en in Nederland met 67 met pensioen en dan mag je van Groen Links nog 3 jaar van het pensioen genieten en daarna heeft GL liever dat je het loodje legt want de zorg is toch wel erg duur voor de oudjes vinden ze. Dit geldt natuurlijk niet voor allochtone oudjes(die nog nooit aan pensioen of AOW betaald hebben) want die worden in de watten gelegd.

    Een reactie posten