Open brief aan Soumaya Sahla, voormalig lid van de Hofstad-groep

Datum:
  • maandag 16 januari 2023
  • in
  • Categorie:
  •  Hoe een 'deradicaliseringsexpert' haar slachtofferschap cultiveert



    De wegens lidmaatschap van een terroristische organisatie veroordeelde ‘deradicaliseringsexpert’ Soumaya Sahla werkt aan haar terugkeer binnen de VVD. Zo zal ze weer in de buurt kunnen komen van politici die ze ooit als voormalig lid van de Hofstadgroep uit de weg wilde ruimen. Sonja Dahlmans vindt het onbegrijpelijk dat Sahla nog steeds de slachtofferrol durft aan te nemen en de feiten over haar verleden blijft wegpoetsen, ondanks alle bewijzen van het tegendeel. 

    Beste Soumaya,

    “Het is zo stil in mij,” zong Van Dik Hout jaren geleden. Sinds ik het laatste interview met jou in het Algemeen Dagblad las, is er eerder een storm die door mij heen raast. Aan Hans Nijenhuis mocht jij je verhaal doen over de rol die je speelde als adviseur ‘Terreur & Veiligheid’ bij de VVD. Bij gelegenheid kreeg je nogmaals een podium – dit keer sprak je zelf in plaats van dit aan anderen over te laten – om te ontkennen waarvoor je veroordeeld bent, namelijk verboden wapenbezit en lidmaatschap van een terroristische groepering (de Hofstadgroep).

    Eigenlijk was het hele geval een kwestie van een onschuldig meisje dat op de verkeerde plaats op de verkeerde tijd was en verkeerde vriendjes had. Dat je graag de martelares uithangt zou niet moeten verbazen, immers, je bent vernoemd naar de allereerste martelaar binnen de islam en een van de eerste volgers van Mohammed, Soumaya bint (dochter van) Khayyat.

     

    Uitnodigen tot het geloof

    Je zegt in het AD-interview dat je: “politici brieven wilde schrijven om hen uit te nodigen tot het geloof.” Het ging hierbij om het zogeheten ‘apothekersgesprek’ dat je met je zus, die daar werkte, voerde om de privéadressen te bemachtigen van politici als Weisglas, Hirsi Ali, Remkes, Van Aartsen en Eerdmans. Op de laatste na overigens allemaal politici van de VVD, de partij waarvoor je werkte en in de toekomst naar ik begrijp weer werkzaam wilt zijn.

    Maar goed, dat apothekersgesprek dus en jouw intentie, waarvan je tot vandaag volhoudt, dat je mensen wilde uitnodigen tot het geloof (de islam). Kennelijk ging alleen het zielenheil van bekende politici je aan het hart en niet het voltallige klantenbestand van de apotheek waar je zus werkte. Vreemd, kennelijk mocht niet iedereen delen in de vreugde van de islam, maar was de warme uitnodiging slechts voor een select en beroemd gezelschap bedoeld. Op zijn minst opmerkelijk is ook dat wanneer je mensen slechts wilde uitnodigen tot het geloof, je dit via de gebruikelijke weg had kunnen doen en niet naar hun huisadres had hoeven vragen. Immers, Kamerleden hebben gewoon een e-mailadres @tweedekamer.nl. Langs die weg moet de gewone man of vrouw in ons land ook met onze volksvertegenwoordigers in contact zien te komen.


     

    Ayaan Hirsi Ali

    Voor een schriftelijke uitnodiging (dawah) tot de islam wilde jij onder meer in contact komen met Ayaan Hirsi Ali, toen nog woonachtig in Nederland. Wat ik bijzonder vind aan dat apothekersgesprek is, dat zowel jij als je zus over Hirsi Ali spreken als ‘die zwarte,’ dat ‘kankerwijf,’ ‘mongool’ (jullie woorden, niet de mijne) en meer van zulk fraais. Waarom ik dat juist zo bijzonder vind? Omdat de Soumaya die ik in de eerste alinea noem, de eerste martelares van de islam, een zwarte  Ethiopische vrouw was en nu juist Ayaan Hirsi Ali een deel van haar jeugd in dat land doorbracht.

    De benamingen die jij en je zus voor haar gebruiken, de racistische benaming moet ik zeggen, geven mijns inziens niet echt blijk van respect voor dat deel van het verleden. Het lijkt mij persoonlijk ook weinig aannemelijk dat je je zoveel zorgen maakte over Ayaans’ zielenheil dat je haar wilde uitnodigen tot de islam, terwijl je op dergelijke wijze over haar sprak. Als het al tot een uitnodiging zou zijn gekomen, lijkt het mij daarom niet waarschijnlijk dat ze daar op ingegaan zou zijn, maar ik kan mij natuurlijk vergissen.

     

    Dawah

    Dawah, de uitnodiging tot de islam (Koran 3:104, 41:33, 2:159, 16:125) wordt sinds ongeveer de jaren ’90 van de vorige eeuw gebruikt om – vooral in het Westen – mensen te bekeren tot de islam. Soms goed bedoeld, moslims die inderdaad oprecht wensen dat anderen in het hiernamaals het paradijs zullen mogen betreden. Maar al te vaak wordt het in onze tijd gebruikt om bijvoorbeeld via politiek, onderwijs of de media de islam (en de islamitische geschiedenis) extreem positief te portretteren.

    Zo schreef voormalig president Ahmadinejad van de Islamitische Republiek Iran een ‘uitnodiging tot de islam’ aan toenmalig president van de Verenigde Staten, George W. Bush. In deze brief, hoe kan het ook anders, trok Ahmadinejad de Holocaust in twijfel, reduceerde hij de aanslagen op de Twin Towers (9/11) tot een ‘incident’ en -ook een dawah tactiek- appelleerde hij aan het idee dat de Isa uit de Koran dezelfde is als Jezus Christus zoals wij die kennen uit het Evangelie.

     

    Morele geweten

    Bush, naar eigen zeggen een wedergeboren christen, zou de normen en waarden van Christus verloochenen volgens de Iraanse president. Volgens een artikel van Human Rights Watch uit 2008 zouden executies onder Ahmadinejad met driehonderd procent zijn gestegen, maar hij meende Bush te moeten wijzen op de leer van Christus over vrede en tolerantie in zijn uitnodiging tot de islam. Toegegeven, een aantal punten die Ahmadinejad aanhaalde, zoals de hypocrisie in het Westen ten aanzien van bijvoorbeeld de oorlog in Irak, waren raak en to the point, maar de man was zelf bepaald niet schoon, hoewel hij pretendeerde het morele geweten van de wereld te zijn.

     

    Gedwongen

    Momenteel worden Joden en christenen in Mozambique, die de ‘uitnodiging’ tot de islam hebben afgewezen, gedwongen de jizya te betalen. De belasting die de Mensen van het Boek moeten betalen wanneer zij de uitnodiging tot de islam niet accepteren, maar wel onder islamitische heerschappij wonen. Volgende maand is het alweer vijf jaar geleden dat Leah Sharibu (destijds veertien) ontvoerd werd door de islamitische terreurbeweging Boko Haram (nu ISWAP), omdat zij weigerde in te gaan op de ‘uitnodiging’ moslim te worden en Christus te ontkennen. Het meest helder voor de geest staat natuurlijk de onthoofding van 21 van mijn broeders door Islamitische Staat Irak en Syrië (ISIS) op een strand in Libië in 2015, omdat zij vriendelijk bedankten voor een dergelijke ‘uitnodiging.’



    Alarmbellen

    Wanneer ik dus lees over je voornemen om de privéadressen van mensen te achterhalen om hen zo ‘uit te willen nodigen’ tot de islam, vergeef het mij, ben ik niet heel enthousiast. Sterker nog, er gaan bij mij toch wel wat alarmbellen rinkelen. Noem mij cynisch; ‘liever ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald’ of zoiets. Wanneer de uitnodiging ook nog komt van iemand die veroordeeld is voor verboden wapenbezit, raak ik niet echt overtuigd met een louter theologische, op het zielenheil in het hiernamaals gerichte operatie van doen te hebben.

     

    Afwijzing

    Juist dat je afgelopen zaterdag in het AD nog nonchalant sprak over de uitnodiging die je wilde versturen, waarvan wij weten dat je je daarbij destijds racistisch en zeer hatelijk uitliet over een van de mogelijke ontvangers en je zus nota bene de hele clientèle van de apotheek adresseerde als ‘al-kufar,’ stemt mij toch wat achterdochtig. De islamitische geleerde dr. Sonya Shami wijst in haar uitleg van soera 3:104 op diverse stadia van afwijzing van de uitnodiging, namelijk verdraaien, afwijzen en verminken van de waarheid (de islam). Volgens Shami is de islam de waarheid en dat leidt ertoe dat er volgens de islam wordt geoordeeld over mensen die de uitnodiging tot de islam afwijzen. In het sharia-handboek van de Hanafi-school, de ‘Mukhtaá¹£ar al-QudÅ«rÄ«’, is men vrij duidelijk over wat er moet gebeuren met mensen die de uitnodiging tot de islam afwijzen.

    Ik parafraseer: ​
    Invite them to Islam. If they decline, call them to pay jizya. If they refuse, wage war on them.” (pagina 661 en verder)

     

    Extremisten

    Het zijn juist extremisten c.q. extremistische groeperingen die dergelijke teksten kennen, gebruiken en hun daden hiermee rechtvaardigen. Extremistische groepen, zoals de Hofstadgroep waarvan jij deel uitmaakte. Volgens Elshout in 2005 (toen Volkskrant) gaven verschillende bronnen binnen de Hofstadgroep aan dat Hirsi Ali, Ellian en Wilders gezien werden als hun grootste vijand. Dezelfde Hirsi Ali van wie jij het privéadres probeerde te verkrijgen. In klassieke islamitische teksten gaat de uitnodiging de islam te accepteren vaak met dreiging en geweld gepaard. Denk bijvoorbeeld aan de brieven die Mohammed schreef aan diverse leiders, waaronder de MuqawqÄ«s (Egypte):
    I summon thee with the Call of Islam; make submission to God as a Muslim and thou shalt live secure, and God shall double thy reward. But if thou wilt not, then on thy head will lie the guilt of all the Copts.” (C. Glassé, New Encyclopedia of Islam pagina 329)

    Rechters

    Terug naar het hier en nu. In het AD en het apothekersgesprek verwijs je naar de uitnodiging tot de islam die je wilde versturen en gebruikt dit als argument om aan te tonen dat jij niet dezelfde gewelddadige intenties zou hebben gehad als andere leden van de Hofstadgroep. Er staat in het AD, doelend op jouw intentie tot dawah: “Dat het allemaal niet serieus was, vonden de rechters niet geloofwaardig.” Ik denk dan: lang leve de seculiere maatschappij die de significantie van die oproep tot de islam niet begrijpt.

     


     




    Islam omarmen

    In het AD worden je racistische uitlatingen jegens Hirsi Ali en dat je bij herhaling Berbers praat of eist dat je zus in die taal met je praat, niet benoemd. Wellicht vind je Berbers mooier klinken, dat kan. Het kan ook zo zijn dat je een vermoeden had afgeluisterd te worden en daarom niet in het Nederlands met haar wilde praten. Je bent in dat bewuste gesprek bijzonder verheugd te horen dat Hirsi Ali altijd alleen de apotheek binnenkomt. Een vreugde die lastig te plaatsen is wanneer je een brief wilde schrijven om haar uit te nodigen tot de islam. Dan is hoe zij zich door Den Haag begaf, alleen of met anderen, immers volstrekt irrelevant. Je vraagt of ze, de mensen van wie je adressen wilde hebben, medicijnen slikken en raadt je zus aan ‘daar’ (haar werk?) weg te gaan. Allemaal omdat je mensen schriftelijk wilde uitnodigen de islam te omarmen.

     

    Je gelijk halen

    Al jaren ben je bezig met het bijna verontwaardigd eisen dat anderen jouw onschuld erkennen. Via de media probeer je alsnog je gelijk te halen, nu dat langs de justitiële weg is mislukt. Dezelfde media die jou hiervoor ook alle ruimte bieden en aanslaan op jouw vermeende slachtofferschap of het idee van een damsel in distress die zij ridderlijk te hulp moeten schieten. Ik wilde dat Leah Sharibu zulke ridders te paard had die haar het vege lijf wilden redden. Veertien en ontvoerd en verkracht, al vijf jaar lang door terroristen, en geen haan die ernaar kraait. Goh zeg, jij moet wel heel goed zijn in wat je zelf jouw specialisatie noemt, radicalisering tegengaan, gezien alle hordes die men voor jou wel bereid is te nemen. Of heb jij een andere verklaring?

    Lieve groet,

    Sonja











    0 reacties :

    Een reactie posten