Nederland Permanent Crisisland

Datum:
  • vrijdag 12 augustus 2022
  • in
  • Categorie: ,
  • Gebrek aan visie leidt tot ondemocratisch paniekvoetbal



     In de laatste jaren buitelt Nederland volgens het kabinet van de ene naar de andere crisis. Of het nou gaat over immigratie, energie of klimaat, take your pick. De diverse kabinetten onder leiding van Rutte lijken al deze crises welwillend aan te grijpen om zonder deugdelijk democratisch proces meer macht naar zich toe te trekken. Hoe kan dit patroon doorbroken worden en het stuitende gebrek aan visie worden ontmaskerd, vraagt Robert Raupach zich af.

    Voor mij is er geen woord dat het huidige tijdperk meer karakteriseert dan het woord crisis. Bij onder andere de onderwerpen klimaat, cultuur, economie, binnen- en buitenlandse politiek wordt de term alom gebruikt. Heeft het woord dan nog enige betekenis, behalve als containerbegrip voor problemen? Als dat zo is, dan ontbreekt elke logica in het constante gebruik van ‘crisis’. Sterker nog: het wijdverbreide misbruik van het woord crisis berooft het alleen maar van zijn kracht. Als alles een crisis is, dan is niets meer een crisis.

     

    Woordinflatie

    Laat ik nu eerst eens beginnen met hoe het woord crisis eigenlijk gedefinieerd wordt. Wikipedia omschrijft ‘crisis’ als volgt: “een zware noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel ernstig verstoord raakt”. Inmiddels is het woord crisis net zo inflationair geworden als bijvoorbeeld de woorden racisme, fascisme en extreemrechts, die te pas en te onpas en vooral vaak onjuist worden gebruikt, maar dit terzijde. Mijns inziens is het gevaar van inflationair woordgebruik dat je in het Ć©chte geval waarop het woord van toepassing is geen urgentie meer kunt creĆ«ren en de ontvangers inmiddels zo afgehaakt zijn op de berichtgeving dat er een gevoel van doffe onverschilligheid ontstaat. Daarnaast zit er een einde aan de overtreffende trap van terminologie. Wat is een volgende stap in het benoemen van een zogenaamde noodsituatie? Spreken we dan binnenkort over een woningmarktramp en over een stikstof Apocalyps?

     

    ‘Never let a good crisis go to waste’

    Het bovenstaande gezegde van Winston Churchill gaat tig decennia later nog steeds op. Waar iedere zogenaamde crisis verliezers kent zijn er natuurlijk ook winnaars, die deze situatie maar al te graag aangrijpen om zich te verrijken ten koste van de gemeenschap. Een hele duurzaamheidseconomie, die deels draait op de uitbuiting van Afrikaanse kinderen bijvoorbeeld, of projectontwikkelaars, die zich in hun handen wrijven met het spoedig opkopen van al het land van soon to be onteigende boeren. Wie zich ook verrijkt, maar niet op financieel gebied, is de overheid. De manier waarop met verschillende crises wordt omgegaan – met de coronacrisis als schoolvoorbeeld – is een regelrechte bedreiging voor onze vrijheid met een overheid die de sterke behoefte voelt de macht te centraliseren en onze vrijheid in te perken.

     

    Onmacht

    Het uitroepen van een crisissituatie lijkt voor onze overheid dezer dagen de enig denkbare reflex om te reageren op feiten, die voorkomen hadden kunnen worden. Zo had men natuurlijk allang de internationale verdragen wƩl kunnen toepassen om te voorkomen dat Ter Apel overstroomt met veiligelanders, hadden we onszelf niet de meest strenge stikstofregels ter wereld kunnen opleggen om wƩl in staat te zijn om woningen te bouwen om het tekort tegen te gaan en hadden we wƩl onze gasreserves kunnen aanvullen voor de aanstaande winter, door het grootste aardgasveld van Europa in Groningen te blijven benutten.

     

    Onkunde

    Het bovenstaande is nog maar een willekeurige greep uit de crisissnoepzak. Situaties, die we al van ver op ons af zagen komen en die door nalatigheid van ons bestuur nu leiden tot acuut paniekvoetbal. Als het kalf verdronken is dempt men de put. Repareren is aan de orde van de dag in plaats van voorkomen. En dat repareren behelst maar al te vaak dwangmaatregelen en het buitenspel zetten van de Kamer, onder het mom van “we kunnen niet anders”. In de gewone wereld zou het natuurlijk ondenkbaar zijn dat een facilitair manager verantwoordelijk wordt gemaakt voor natuur en stikstof, een basisschoolleraar wordt aangesteld voor volkshuisvesting en ruimtelijke ordening en een sociaal cultureel wetenschapper verantwoordelijk is voor justitie en veiligheid in een land. Maar in de politiek kan dat. What could possibly go wrong?

     

    Rol van Rutte

    De hoofdverantwoordelijke hanteert een inmiddels behoorlijk reactieve stijl van besturen. Mark Rutte, de langstzittende premier in de geschiedenis van Nederland, is totaal niet te betrappen op een visie voor dit land. Na zijn groteske verhaal over het land als ‘broos vaasje’ was er ook eerlijk gezegd niet meer veel van te verwachten. Het lijkt wel of hem, en daarmee automatisch het land, alles maar overkomt. Alsof er constant in de mist gestuurd wordt, terwijl dat verre van waar is. Zonder enig vooruitzicht regeren zorgt er dan automatisch voor dat alle onverwachte zaken maar meteen als crisis bestempeld worden.

     

    Watercrisis!

    En ja hoor, vorige week stak dan ook weer een nieuwe crisis de kop op. Een officieel watertekort! Een crisisteam verdeelt sinds het einde van vorige week het blijkbaar oh zo schaarse water in ons land. Maar alleen al de Rijn brengt per anderhalve seconde een tot de rand toe gevuld Olympisch zwembad aan drinkbaar water ons land in. Dat we dat water aan de andere kant van het land in dezelfde mate weer de zee in laten stromen is dan natuurlijk een bizar feit. Nederland komt om in het water, maar waar is de handels- en innovatiegeest waarvoor ons land zo vaak internationaal geroemd wordt? Helemaal op dit terrein, wij zijn (of waren?) toch wel een beetje het Silicon Valley van watermanagement. In een tijdgeest waarin voorspeld wordt dat water in de toekomst een steeds schaarser goed zal zijn voor grote delen van de bewoonde wereld, toont ons landsbestuur met dit jongste voorbeeld wederom een stuitend gebrek aan visie en doortastendheid.

     

    Kabinet doe je werk!

    Alhoewel het volledig uitsluiten of voorkomen van een zware noodsituatie natuurlijk een illusie is, blijft het een essentiƫle kerntaak van de overheid om zichzelf en bovenal haar burgers te behoeden voor een dergelijke situatie. Dat doe je in de eerste plaats door een kabinet dat vooruitziend regeert, daadkrachtig optreedt en de belangen van de bevolking boven de eigen belangen steltl. Dat klinkt wellicht simpel, en dat is het ook, zoals u zojuist kon lezen.

     

    Vond je dit artikel goed? Steun Robert Raupach via zegmaarrob.backme.org




    0 reacties :

    Een reactie posten