Vastgelopen stikstofdossier verdient nieuwe start Modellen kloppen niet met de realiteit

Datum:
  • zaterdag 18 juni 2022
  • in
  • Categorie: , , ,
  •  Modellen kloppen niet met de realiteit


    17 mei 2022 - Rutger van den Noort


    Ons land zit op slot door de stikstofregels, die alle vooruitgang blokkeren en verstikken. Het verzet tegen het stikstofbeleid groeit en er dreigen allerlei rechtszaken. Al lang is duidelijk dat de modellen waarop dit beleid is gebaseerd in feite onbruikbaar zijn en dat er van een wetenschappelijke en onafhankelijke beoordeling geen sprake is. Daardoor is het vertrouwen van de burger in de overheid ook op dit beleidsterrein fors afgenomen. Rutger van den Noort zet in deze longread de zaken op een rijtje en pleit met tien concrete aanbevelingen voor een nieuwe start. 

    Volgens Europese richtlijnen moeten er grenzen worden gesteld aan de stikstofdepositie in natuurgebieden. In het regeerakkoord Rutte 4 is daartoe een stikstoffonds van 25 miljard opgenomen. Dit geld is bestemd voor herstructurering van de landbouw, opkopen van veehouderijen, uitbreiden van natuurareaal en vergoedingen voor boeren die hun grond niet meer mogen gebruiken. Voor- en tegenstanders van dit fonds bestrijden elkaar te vuur en te zwaard, zowel in de politieke arena als in de rechtbank. De problematiek rond stikstof is multidimensionaal, multidepartementaal, zowel Europees, nationaal als provinciaal en het raakt de bestaanszekerheid van hele groepen mensen en individuele families.

     

    Muurvast

    Eigenlijk moet je constateren dat het dossier muurvast zit en dat we er niet uitkomen. Het gevolg is dat de besluitvorming zeer traag verloopt en het land op slot zit. Vanuit dit oogpunt is het heel begrijpelijk dat ook de achterban van de VVD zich nu begint te roeren in verschillende lokale afdelingen. Van een afstandje bekeken gebeurt er veel te weinig op dit dossier, terwijl er onderliggend juist heel veel speelt. Door de aard van de problematiek is het voor de gemiddelde burger erg moeilijk te doorgronden wat er nou echt aan de hand is, waarom iedereen er zo moeilijk over doet en – veel belangrijker nog- hoe we hieruit kunnen komen.

     

    Complexe problematiek

    In de afgelopen weken heb ik mij nogmaals verdiept in alle stukken die hierover verschenen zijn. Ik wil een duiding geven van het politieke proces waar we ons in bevinden en niet zozeer ingaan op de inhoud van het dossier. Er is zoveel verschil van mening over de werkelijke impact van stikstof op alle biodiversiteit binnen een Natura2000-gebied, in combinatie met zeer gedateerde of ontbrekende metingen over de impact op biodiversiteit, dat er eigenlijk wetenschappelijk gezien geen generieke uitspraken kunnen worden gedaan over een specifiek gebied.

     

    Inhoudelijk verschillende perspectieven

    Zo hebben sommige delen van de biodiversiteit van Natura2000-gebieden veel minder stikstofdepositie (neerslag) nodig, maar sommige stukken kunnen juist wat meer stikstof gebruiken. Generieke uitspraken in de lijn van “we moeten minder stikstof in Nederland hebben” zijn dus kort door de bocht, populistisch en wetenschappelijk onjuist. Wel is het zo dat er in sommige gebieden grote schade is ontstaan door de grote hoeveel stikstof die in de afgelopen jaren is neergeslagen. Generieke uitspraken in de lijn van “er is geen stikstofprobleem” zijn dus net zo goed te kort door de bocht, populistisch en wetenschappelijk onjuist.

     

    Democratisch proces onder druk

    In een volwassen democratie volgt beleid een cyclus van wetgeving, waarna de effecten van de wetgeving in de praktijk worden bekeken en een eventuele bijstelling volgt aan de hand van de resultaten van het beleid. Wetenschappelijke instituten hebben hierbij een rol om als scheidsrechter op te treden en op objectieve en onafhankelijke wijze vast te stellen of beleid werkt en welke verbeteringen mogelijk zijn. Hierbij wordt door veel instituten gebruik gemaakt van modellen die een versimpelde weergave zijn van de werkelijkheid, maar nodig zijn om op beleidsniveau uitspraken te kunnen doen. Het is hierbij van belang dat modellen voortdurend aan blijven sluiten op de werkelijkheid.

     

    Voorspellende, maar niet doelgeschikte modellen

    In het stikstofdossier wordt veelvuldig gebruik gemaakt van modellen om de impact van uitstoot van stikstof te voorspellen en de effecten daarvan te kunnen inschatten. Het uitvoeren van deze berekeningen en de modelbouw wordt gedaan door het RIVM. De modellen waar het om gaat zijn Aerius en OPS, een nationaal instrument. In 2019 heb ik met enkele experts een bezoek gebracht aan het RIVM, omdat er een sterk vermoeden was dat de gebruikte modellen in het stikstofdossier inadequaat waren. Mede als gevolg van mijn grote aantal vragen ontstond er twijfel en heeft de Tweede Kamer een onderzoekscommissie in het leven geroepen onder leiding van professor Leen Hordijk, die een verificatie heeft gedaan van de modellen van het RIVM.

    De eindconclusies van het rapport “Meer meten, robuuster rekenen (2020)” zijn spijkerhard: “In dit eindrapport geeft het adviescollege aan dat het rekeninstrument AERIUS Calculator niet doelgeschikt is“. Er wordt een reeks aan verbeteringen voorgesteld binnen dit instrument, alsmede een oproep gedaan tot meer meten en zeer terughoudend te zijn met het toepassen van deze modellen voor zeer lokale beslissingen, door de hoge modelonzekerheid (tot 100%) die Aerius met zich meebrengt.

     

    Gesloten gelederen

    Ook al zijn er verbeteringen aangebracht in Aerius en OPS in de tijd tussen de oplevering van het rapport en nu, we moeten vaststellen dat de onafhankelijke scheidsrechter in het stikstofdossier – het RIVM – gebruik heeft gemaakt en tot op heden doorgaat met het inzetten van ondeugdelijke modellen bij het stikstofdossier. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij ondersteunt dit uit alle macht, getuige de interne adviezen die naar boven kwamen bij het uitvragen via een WOB-procedure: “advies om altijd vertrouwen te blijven uitstralen in de instrumenten”.

    Vanuit de kant van het ministerie is het begrijpelijk dat zij achter een onafhankelijk model willen blijven staan, omdat dit namelijk een soort rustpunt geeft in de discussie. Anderzijds is het zeer gevaarlijk om je voortdurend te verschuilen achter een model, waarvan men op het ministerie ook allang weet dat dit geen basis voor beleid kan zijn, getuige de uitkomsten van de commissie Hordijk.

     

    Onderhandeld

    Daarbovenop stelde onderzoeksjournalist Jan Salden van EenVandaag recent via de voornoemde WOB-procedure vast dat er over de eindconclusies van het rapport-Hordijk is onderhandeld door het ministerie van LNV en I&W inzake de modelaannames die zouden moeten gelden. Meer specifiek gaat dit over de 5 km-afkapgrens voor uitstoot, die zou gelden voor verkeer, maar niet voor de landbouw. In Jip en Janneke-taal: de uitstoot van stikstof uit auto’s op de snelweg voert maar 5 km ver, terwijl voor de uitstoot van stikstof van landbouw 25 km wordt aangehouden. Ik hoef u niet uit te leggen dat dit nog maar weinig met wetenschap te maken heeft, laat staan met onafhankelijke modelbouw, laat staan met de onafhankelijkheid van een instituut zoals het RIVM.

     

    Experts met belangen

    We bevinden ons in een situatie waarbij gebruik wordt gemaakt van een model dat niet doelgeschikt is op basis van politiek bepaalde aannames. Het beheer van dit model is in handen is van een een instituut, dat veelvuldig afstemt met het ministerie over de (gewenste) uitkomsten van het model. Het is extra pijnlijk dat enkele ontwikkelaars van het Aerius-model nu belangrijke posities hebben op het ministerie bij het directoraat Stikstof. Enkele bedenkers van het model die de ins- en outs kennen, werken nu samen met een onafhankelijk instituut op dit dossier. Ter verdediging van hen: het is ook niet makkelijk om experts op dit terrein te vinden, dus het is wel logisch dat het gaat om een kleine groep mensen die elkaar goed kennen.

    Op basis van een snelle verkenning van mijn kant lijkt het dat 15 tot 20 beleidsmedewerkers, modelbouwers en politici het hele stikstofdossier bepalen. Groot genoeg om een bepaalde mate van professionaliteit te kunnen ontwikkelen, maar te klein om echt goed checks and balances in te bouwen op het gebied van onafhankelijkheid. En juist deze onafhankelijkheid is cruciaal bij dit dossier, omdat zowel politici, als ook rechters varen op de expertise van deze groep.

     

    Tanend vertrouwen in de rechtsstaat

    In een volwassen rechtsstaat moet je kunnen vertrouwen op de overheid. Het vertrouwen in de overheid is gebaseerd op de aanname dat beleid fair wordt gemaakt, waarbij er gelijke spelregels gelden voor iedereen. Dit gaat over het gebied van normen en waarden, de afspraak is dat niemand een ander bedreigt of aanvalt, maar dit geldt ook op het gebied van wetgeving: het wegverkeer wordt net zo behandeld als de landbouw. Als we collectief als land door middel van verkiezingen besluiten dat we iets willen doen aan de stikstofproblematiek, dan is dat een collectieve keuze die we maken.

     

    Metingen zijn cruciaal

    Binnen deze collectieve keuze is het dan noodzakelijk dat op een eerlijke, gebalanceerde en gelijke wijze iedereen bijdraagt aan het reduceren van de uitstoot van stikstof en daarbij zijn metingen cruciaal.

    Als blijkt dat 50% van onze neergedaalde stikstof uit het buitenland komt, dan is internationale druk op onze buurlanden nodig om deze reductie te kunnen realiseren.

    Als landbouw een grote veroorzaker is van veel stikstof, en als deze stikstof tot grote problemen leidt, dan moet de landbouw ook bijdragen aan de reductie van stikstof.

    Als het vliegverkeer (niet alleen tot 900m hoogte zoals nu gemodelleerd is), maar het hele vliegverkeer (ook tot 10km+) bijdraagt aan stikstof, dan moet het vliegverkeer ook bijdragen aan de reductie van stikstof.

    Als blijkt dat de grote industrie ook heel veel uitstoot, dan doen zij ook mee en zo los je samen het probleem op. Het kan niet zo zijn, dat net als nu bijvoorbeeld grote zeeschepen en cruiseschepen een uitzonderingspositie krijgen, terwijl kleine vissersschepen grootschalige aanpassingen aan hun motoren moeten doen voor grote bedragen. Gelijke monniken, gelijke kappen.

     

    Nederland loopt vast

    We moeten constateren dat de besluitvorming in Nederland vastloopt. Het vertrouwen in de overheid is de laatste decennia sterk afgenomen. De politiek poogt geregeld om de schuld te geven aan populistische partijen, maar bij het stikstofdossier is de overheid zelf debet aan het gebrek aan vertrouwen. Het ministerie van Landbouw kiest doelbewust voor het ontwikkelen van beleid op basis van modellen die niet doelgeschikt zijn. Het maakt gebruik van modellen die eigenlijk niet te vertrouwen zijn, omdat ze niet uitvoerig zijn gevalideerd met metingen. Onder bepaalde aannames zitten zeer gedateerde onderzoeken uit de jaren ‘80 van de vorige eeuw (o.a. Kincaid, Prairie Grass), die nooit zijn herhaald.

    Bij het berekenen van de kritische depositiewaarden is door experts in 2002 een keuze gemaakt voor een arbitraire waarde, zonder dat dit ooit gevalideerd is in de Natura2000-gebieden.

     

    Vertrouwen ontbreekt

    Als burger wil ik graag 100% achter de beleidskeuzes staan, maar ik kan niet meer vertrouwen op dit Aerius-model, en daarmee kan ik niet meer vertrouwen op het RIVM als scheidsrechter. En doordat het ministerie een ondeugdelijke scheidsrechter heeft aangewezen en dit doelbewust en na herhaalde kritiek blijft volhouden, kan ik ook geen vertrouwen hebben in het ministerie. En doordat de politiek meegaat in de keuzes van het ministerie, heb ik helaas geen vertrouwen meer in het optreden van politici in het stikstofdossier. Ze hebben er gezamenlijk een potje van gemaakt.

     

    Hoe verder?

    Ik kan precies uittekenen hoe dit verder gaat. Als gevolg van tientallen WOB-verzoeken komen er grote rechtszaken aan van zowel de natuurzijde als van de kant van de landbouw. Er is een nieuw initiatief op komst van een natuurorganisatie, die betoogt dat er op delen te weinig stikstof in de natuur terecht komt en ook zij gaan procederen tegen de staat. Volgens de ene club is er te veel stikstofdepositie en volgens de andere club is er te weinig stikstofdepositie. De reden dat ze mogelijkerwijs nog allebei gelijk gaan krijgen ook, is dat lokale metingen de conclusies van deze clubs onderschrijven en dat modellering van het RIVM volledig de plank heeft misgeslagen door gebrekkige validatie van metingen en onjuiste aannames. De rechter zal maar moeilijk een uitspraak kunnen doen, omdat de expertbasis ontbreekt.

    We gaan jaren tegemoet van procederen op dit dossier, waarbij er miljarden verloren gaan, terwijl het land niet van het slot komt. In relatie tot aanpalende dossiers, zoals woningbouw, verkeer, migratie (huizenbouw), landbouw (voedselvoorziening) en energievoorziening is dit een nachtmerrie. Als een spin in het beleidsweb houdt stikstof alle progressie tegen en verstikt ons land.

     

    Aanbevelingen

    Hoe langer het kabinet wacht met het openbreken van het regeerakkoord, hoe zuurder de appel wordt, waar men doorheen moet bijten. Ook wordt de gevolgschade steeds groter. Op termijn zal blijken dat de rechter het stikstofbeleid aan de hand van modellen zonder deugdelijke validatie door middel van zeer veel metingen niet zal toestaan als basis voor beleid. Het is daarom bittere noodzaak om de volgende tien aanbevelingen op te volgen:

    1. Het vervangen van het Aerius/OPS als instrument voor stikstofmodellering door het Europees erkende Lotos-Euros/Emep (TNO), een open source-model. De nauwkeurigheid van dit model is weliswaar op detailniveau minder, maar bij Aerius/OPS is dit detailniveau juist zeer onbetrouwbaar. Aansluiten bij de modellering van onze buurlanden geeft een beter geharmoniseerd beleid.
    2. Onverkort en compleet volledig alle stikstof-emissie van alle bronnen op een gelijkwaardige manier meenemen als input in het model. Dit betekent: zware industrie, al het vliegverkeer (dus ook boven de 3000 voet/900 meter), buitenland, bodemuitstoot toevoegen of aanpassen in de Emissieregistratie. Alle bronnen dienen te worden gevuld met terugwerkende kracht tot 2010 om geen rare bewegingen in modellen te krijgen.
    3. Alle aannames in de modellering worden transparant gedeeld en pas gebruikt als er voldoende validatie is. Specifiek wordt hierbij gekeken naar de aannames over de afstand van de depositie vanaf de stikstofbron.
    4. Als uitgangspunt voor beleid of in rechtszaken stikstofmetingen zwaarder laten wegen dan modellen of berekeningen. Is er verschil tussen de metingen en de modelleringen, dan worden de metingen gebruikt als waarheid.
    5. Het RIVM gaat voor wat betreft het stikstofdossier communiceren met het ministerie van Landbouw en het ministerie van Infrastructuur via de Tweede Kamer. Direct contact tussen het RIVM en de departementen wordt verboden, om zo de autonomie van het RIVM te borgen en de belangenverstrengeling te doorbreken. Helaas is dit nodig.
    6. De depositiemetingen op de Natura2000-gebieden worden herzien aan de hand van metingen die minstens Ć©Ć©n totaal kalenderjaar van twaalf maanden gaan beslaan. Concreet: per Natura2000-gebied wordt een significant aantal meetpunten geĆÆnstalleerd (orde grootte: 500 per gebied). Zie ook een gerelateerd Nature-artikel met opzienbarende uitkomsten.
    7. De kritische depositiewaarden van de tien meest kritische vegetaties per Natura2000-gebied worden opnieuw vastgesteld door de Wageningen Universiteit ter validatie van de experts. Hierbij worden ook internationaal gekozen normen meegenomen, mochten metingen geen duidelijkheid verschaffen.
    8. In afwachting van bovenstaande wordt de besluitvorming over de uitgaven van het stikstoffonds geparkeerd en wordt in het kader van zorgvuldigheid landelijke, regionale en lokale besluitvorming in relatie tot het stikstofdossier geparkeerd. Lokaal kan er getest worden met een geĆÆntegreerde aanpak, zoals voorgesteld voor Texel door professor Lindeboom.
    9. Het ontwikkelen van een nieuw stikstofbeleid dat recht doet aan de werkelijk gemeten situatie. Heroverweging van de Natura2000-gebieden en het doel achter het stikstofbeleid.
    10. Het blijven inzetten op innovatieve technologische oplossingen om de uitstoot van stikstof (met name: ammoniak) te reduceren en het reduceren van waste door zoveel mogelijk cyclische natuurketens te ontwikkelen.

     

    Tot slot

    Provinciale en lokale politici, die de besluitvorming over dit dossier op hun bord hebben liggen, maken zich in toenemende mate zorgen over de mate van onzorgvuldigheid waarmee beslissingen genomen moeten worden. Provinciale Statenleden van regeringspartijen VVD en CDA verzetten zich tegen de stikstofplannen van hun eigen kabinet. En dat is toch wel een teken aan de wand.

    Welke mening, visie of waarheid je ook bent toegedaan in het stikstofdossier, het is in niemands belang om deze trein te laten doordenderen in een bepaalde richting op basis van ondeugdelijke cijfers. Want als op termijn aan de hand van metingen blijkt dat de modeluitkomsten anders waren dan de werkelijkheid, dan heeft de overheid op individuele schaal beslissingen genomen die incorrect waren.

    En dan dringt zich al snel de vergelijking op met de toeslagenaffaire. Waar deze ouders vaak een kleine fout maakten, werden zij door het systeem vermorzeld. Mocht dit ook zo zijn bij een individuele boer die te goeder trouw zijn ammoniakuitstoot jarenlang verminderd heeft, maar toch onteigend wordt, dan vermorzelt (inclusief bijbehorende dreiging) ook hier het systeem het individu mogelijk op incorrecte wijze.

    Tijdens de parlementaire enquĆŖte die dan zal volgen, zullen natuurlijk excuses worden gemaakt door de overheid, hoge ambtenaren van het ministerie van Landbouw, het RIVM, provinciale bestuurders, maar het individu is daarmee niet geholpen.

    Wij verdienen een eerlijke en kundige overheid, die besluiten neemt met de hoogst mogelijke vorm van integriteit. En dat laatste is ver te zoeken bij het RIVM, het ministerie van Landbouw en daarmee ook de verantwoordelijke minister. Dit dossier verdient een nieuwe start.











    1 reacties :

    Anoniem zei

    D'66 heeft vandaag unaniem besloten dat het absurde stikstofbeleid door moet gaan. D"66 heeft volgens recente peilingen nog 15 zetels en dat is ongeveer 1.500.000 kiezers. Zouden nou al die mensen van D'66 een klap van de malle molen hebben gehad, of zijn ze zo kwaadaardig dat ze Nederland perse naar de Filistijnen willen helpen?

    Een reactie posten