De Nederlandse politiek is corrupt en kapot

Datum:
  • vrijdag 8 april 2022
  • in
  • Categorie:
  • Schaamteloze vertoning rond Hugo de Jonge


    8 april 2022 - Ines van Bokhoven


    Wat Hugo de Jonge afgelopen donderdag weer eens aantoonde was dat ons land echt kapot is. Nadat hij het Kamerdebat had overleefd ondanks al zijn leugens, riep hij zelfs op om toch vooral vertrouwen te hebben in de inzet en integriteit van politici met hun o zo moeilijke vak. Het zoveelste bewijs dat de politieke kaste burgers maar lastig vindt en zich niets aan hen gelegen laat liggen, ‘nieuwe bestuurscultuur’ of niet. Het is zo langzamerhand krankzinnig aan het worden, vindt Ines van Bokhoven.

    Hoeveel keer kan een mens in een column schrijven dat we in een kapot land leven? Dat het zinloos is om te proberen vertrouwen te hebben in een overheid die van liegen een handelsmerk heeft gemaakt? Dat onze rechten en onze democratie steeds meer in de vuilnisbak belanden en we er steeds minder tegenin te brengen hebben? Enfin: ik ga het gewoon nog een keertje doen.

    Afgelopen donderdag is, voor de zoveelste keer, bewezen hoe ongelofelijk rot onze politiek is. Hugo de Jonge mag aanblijven. En natuurlijk mag hij dat. Ik was er van tevoren al zodanig van overtuigd dat ik de debatten niet eens meer heb gevolgd. Tijdverspilling, die ook nog eens slecht is voor mijn bloeddruk.

     

    Vertrouwen

    De dag voor dit Kamerdebat maakte ik met Annelies Strikkers en Maaike van Charante een podcast, waarin we ons afvroegen: is onze overheid nog wel te vertrouwen? Het is een vraag aan het worden die niet eens meer een open deur intrapt – deze overheid laat ons elke dag, bij elke gelegenheid, zien dat de Nederlandse burger onderaan haar prioriteitenlijstje staat. Dat de zorg voor ons en onze samenleving haar absoluut niet interesseert. Dat wij maar voor onszelf moeten zorgen – en ook dat probeert men zo lastig mogelijk te maken. Dat we, stukje bij beetje, onze eigen overheid nog wel het meest te vrezen lijken te hebben.

     

    Corrupt

    Simpel gesteld: we kunnen zo langzamerhand geen kant meer op. We zijn overgeleverd aan een kartel van in-corrupte mensen, politici die absoluut gewetenloos zijn, die het doorduwen van hun plannen (die hun macht vergroten) het enige belangrijke in hun leven vinden, en daarvoor misbruikt men grootscheeps, en tot verwoesting van ons land, de Nederlandse politiek. Wie nu nog vertrouwen heeft in een kartel dat hoofdzakelijk ‘vertrouwen winnen’ ziet als het loslaten van slogans, oneliners, vage beloften die geen inhoud hebben en maar zeveren over een ‘nieuwe bestuurscultuur’ waarvan we allemaal weten dat die er nooit zal komen, die moet toch werkelijk een zeldzaam dikke plank voor zijn kop hebben.

     

    ‘Laat niemand vallen’

    Al moet ik Sigrid Kaag één ding nageven: haar favoriete slogan maakt ze elke dag waar. “Laat niemand vallen“, de kreet waarmee deze partij stemmers ervan probeert te overtuigen dat hun rode kruisje bij D66 in goede handen is, is er eentje die ze duidelijk serieus neemt. De manier waarop ze zich afvroeg wie ‘al die mensen’ toch zijn die niet op haar stemmen toonde acuut aan hoe ze ‘die mensen’ ziet: als minderwaardig. Als dom en onderontwikkeld. Als ‘niemanden’. Mensen die – dat straalt ze in elk geval wel uit – niet eens serieus deel zouden mogen nemen aan de samenleving en als het even kon liever ook niet zouden mogen stemmen.

    Nou, D66, de partij die op dit moment zo’n beetje het ganse beleid bepaalt, laat met liefde en plezier die ‘niemanden’ vallen. En hard ook. Als u iets anders wilt dan D66 heeft u pech gehad: al krijsend over ‘het beschermen van de democratie’ zet men u achteloos buitenspel. Nieuwe bestuurscultuur? Luitjes: het is enkel de volgende slogan.

     

    Oprechte woede

    En zo wordt de groep mensen die niet meer meedoet aan onze democratie elke dag groter. Elke dag kwader. Het voelt alsof ik die zinnen al honderd keer heb geschreven, maar het probleem wordt alleen maar groter. Deze mensen kunnen geen kant op, voelen zich amper nog vertegenwoordigd, worden alleen maar tegengewerkt, zien hun wereld elke dag verder kapotgaan. En dit is niet meer iets met afmetingen van ‘het niet eens zijn met een nieuwe wet’ of iets dergelijks; dit is bij veel mensen oprecht verdriet, oprechte angst voor de toekomst, oprechte woede over het stukgaan van hun wereld in bijna alle details en uithoeken. Vanaf het fundament lijkt alles stuk te moeten.

     

    Caroline van der Plas

    Hulde aan Caroline van der Plas, die op een schitterende manier mevrouw Paulusma van D66 nog eens uitlegde hoe het ook alweer zat met de taakverdeling in het ‘Huis van de Democratie’. Misschien is het een goed idee een cursus Staatsinrichting te verplichten voor mensen die besluiten de Nederlandse politiek in te gaan? Eerst met minstens een 8 afronden voordat je ook maar een kopieermachine mag aanraken, laat staan een microfoon. Want het dedain waarmee Paulusma een vraag dacht af te kunnen poeieren met de slapste debattruc aller tijden, het omkeren van de vraag, is stuitend voor iedereen die wil dat D66 eens ophoudt met gillen over het beschermen van een democratie, die uitstekend functioneerde totdat D66 er zelf het arrogante mes in kwam zetten.

     

    Opstappen

    “Vertrouwen is het aller-, aller-, allerbelangrijkste wat we hebben als politici, en je bent het veel sneller kwijt dan dat je het herwonnen hebt. We gaan daar vaak veel te onvoorzichtig mee om.” Klinkt mooi, niet? Want het zijn wijze, ware woorden. Het probleem is alleen dat de man, die ze tijdens dat debat uitsprak, nou net de persoon is die er zelf geen snars van lijkt te begrijpen.

    Hugo de Jonge had heel wat vertrouwen in onze politiek kunnen herstellen door de eer aan zichzelf te houden en gewoon op te stappen. Door zijn fouten toe te geven, een volwassen vent te zijn, en te begrijpen dat hij dat vertrouwen inderdaad niet zomaar gaat terugwinnen. Het hele debacle zou voor hem een teken aan de wand moeten zijn dat hij dus zijn recht om anderen te mogen besturen heeft verspeeld, maar nee: op de voor hem zo bekende hooghartige toon was zijn antwoord, zonder enige aarzeling, “ja” toen Van der Plas hem vroeg of hij nog kon aanblijven. Onvoorzichtig mee omgaan, met ons vertrouwen in de politiek? De man denderde gewoon weer met spijkerzolen over ons heen. Het enige dat tijdens dat debat belangrijk was voor Hugo was Hugo.

     

    Bestuurscultuur

    Dit is dus onze ‘nieuwe bestuurscultuur’: het aller-, aller-, allerbelangrijkste voor onze politici, dat zijn onze politici zelf. Niet ons vertrouwen, niet ons welzijn, niet onze deelname aan onze eigen democratie, maar hun kostbare carrières, hun posities, hun macht. De blik die Hugo de Jonge zijn partijgenoot Pieter Omtzigt toewierp toen hij langsliep, is er eentje voor het archief. Om generaties na ons te tonen hoe dat er dus uitziet: een bestuurder die je niet kunt vertrouwen.

     

    Dodende blik

    Zoals velen op Twitter zeiden: “Als blikken konden doden…”. Wat De Jonge precies probeerde over te brengen met die blik laat ik liever over aan de interpretatie van de kijker, maar ik haal er in elk geval geen respect voor de democratie uit, of een werkelijk bewustzijn van de eigen fouten en schuld. Dit is de blik van een berekenend, intelligent roofdier met honger – maar da’s dan weer mijn persoonlijke, gekleurde interpretatie. Mondhoeken omlaag, wenkbrauwen diep, niet één keertje knipperen met z’n gespannen ogen – een vrij dreigende blik is dat. Het komt in elk geval niet vriendelijk of collegiaal over. En al helemaal niet als iemand die kritiek serieus tot zich zit te nemen om er een vertrouwenswaardigere bestuurder van te worden.

     

    Poppenkast

    Dus nee, de man begrijpt geen spaan van de woorden die hij enkel en alleen uitsprak om zijn eigen huid te redden, denk ik dan. De betekenisvolle, en tegelijkertijd juist daarom inhoudsloze slogans vlogen ons weer om de oren. Het wordt steeds moeilijker om aan te horen, het valt niet meer te verteren, het is een verschrikkelijke poppenkast geworden. Volgende week zal De Jonge het woord ‘dwang’ weer in zijn retoriek gooien, je kunt er je klok op gelijk zetten. En als hij het niet doet zal een andere ‘democratie-redder’ het wel doen.

     

    Filmpje

    Veel vertrouwen in een fris inzicht gaf De Jonge ons in elk geval een dag na het debat niet, toen hij ineens dit liedje zong, aan het einde van dit korte filmpje: “Nu moet ik aan de slag met het herstel van vertrouwen, natuurlijk. Maar ik zeg er ook bij: die politieke cultuur van vertrouwen, die maken we ook samen. En ik denk dat we ook wel voorzichtig moeten zijn om het uiten van twijfel en wantrouwen aan de integriteit van mensen in ons toch al moeilijke vak, om die al te gemakkelijk de ruimte te geven. Dat hoort er ook bij.”

     

    Bestuurscultuur

    Die nieuwe bestuurscultuur – dat weten we meteen als we naar zijn pedante woorden luisteren – die kunnen we op onze buik schrijven. Want er valt blijkbaar niets te leren voor de mensen ‘in dit toch al zo moeilijke vak’: wij moeten vooral niet te veel kritiek hebben op deze arme zwoegers die zich zo voor ons inzetten. Of we daar nog eens bij stil willen staan en alsjeblieft niet willen twijfelen aan de integriteit van hun werk en woorden. Niet hij, maar wij moeten deze vertrouwensbreuk oplossen. Waarom kunnen we niet ophouden met moeilijk doen en iemand als Hugo gewoon vertrouwen? We zijn lastig, dat is kort gezegd waar zijn woorden op neerkomen.

     

    Doodmoe

    Ik moet u eerlijk bekennen: ik wíl helemaal geen vertrouwen meer hebben in deze mensen, ik weet nu al waar het op uitloopt – de volgende vertrouwensbreuk – en ik ben doodmoe van al die holle volzinnen die prachtig bedacht zijn door persvoorlichters en mediatrainers, en die geen enkele betekenis hebben. Ik wil niet meer. Dit moet ophouden. Klaar.

    En dan de vraag die ik ook al vaker stelde, en waarvan ik toegeef dat ik er ook niet zo een-twee-drie een antwoord op heb: wat gaan we doen? Hoe gaan we onze democratie redden van deze hongerige roofdieren? Hoe nemen we onze macht, als burgers, als de demos uit het woord democratie, weer terug?

    Elke suggestie die geweld weet te vermijden is bij ondergetekende welkom, want dit moet absoluut gestopt worden. Dit is geen democratie, dit is krankzinnig.









    0 reacties :

    Een reactie posten