Klaas Knot praat kletskoek

Datum:
  • dinsdag 15 februari 2022
  • in
  • Categorie:
  • President DNB doet vreemde uitspraken over onze economie



    Wouter Roorda 12-2-2022


    Afgelopen zondag deed president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank (DNB) een aantal opmerkelijke uitspraken in het televisieprogramma Buitenhof, die in vrijwel alle media onweersproken bleven. Toch sprak hij drie keer kletskoek over de economie van ons land. Econoom en OpinieZ-auteur Wouter Roorda legt uit waarom.

    Knot noemde Nederland een rentenierseconomie, zei dat de huidige inflatie grotendeels is geĆÆmporteerd en dat de ECB daar weinig aan kan doen, en noemde oplopende renteverschillen tussen de eurolanden een gevaar voor de uitwerking en effectiviteit van een uniform monetair beleid.

     

    Rentenierseconomie

    Eerst iets over die rentenierseconomie. Sander Schimmelpenninck mag elke week op de publieke omroep komen toeteren dat Nederland het land is met Ć©Ć©n van de meest scheve vermogensverdelingen in de westerse wereld. Deze mythe is een aantal jaren geleden de wereld in geholpen door onderzoekers van de Universiteit van Utrecht, op wier studie wel het een en ander valt aan te merken. Zij nemen bijvoorbeeld pensioenvermogens niet mee, terwijl het hier (ook fiscaal gezien) om uitgesteld loon gaat.

    Wie de World Inequality Database raadpleegt ziet, welke maatstaf je ook neemt, zijn intuĆÆtie bevestigd dat vermogen in Nederland helemaal niet zo ongelijk is verdeeld. Sterker nog, alle landen om ons heen kennen een schevere vermogensverdeling. Ook is het niet zo dat de rijken steeds rijker worden. De Nederlandse vermogensverdeling is al decennia vrij stabiel.

    Knot beweert dat de fiscus relatief veel ophaalt bij arbeid en relatief weinig bij vermogen. Hij stelt dat we de hard werkende Nederlander daarvoor laten betalen door hogere tarieven in de inkomensbelasting. De vermogensbelasting zou omhoog moeten, waarbij ook de eigen woning niet langer buiten schot mag blijven.

     

    Stijgende belastingdruk

    Laten we nader kijken naar de belastingheffing op arbeid en kapitaalinkomen. In de afgelopen tien jaar is het deel van het nationale inkomen dat de overheid via belastingheffing naar zich toetrekt met 4,2 procentpunt gestegen, van 35,5 procent tot 39,7 procent BBP. In die periode nam de belastingheffing op kapitaal toe van 5,0 procent BBP naar 7,3 procent BBP. Arbeid ging van 19,5 procent naar 20,6 procent en consumptie van 11,0 procent naar 11,7 procent. Qua belastingdruk op kapitaal staat Nederland op de tiende plaats van de EU 27 (waarbij de eerste plaats het meeste belasting heft). Voor arbeid is dat de negende plek en voor consumptie de veertiende.

    Binnen de belastingen op kapitaal lijkt de particuliere vermogensbezitter goed af, want bevindt zich op de 27e plaats met een negatieve belastingafdracht. Dat wordt veroorzaakt door de fiscale behandeling van het eigen huis, die de afgelopen tien jaar wel sterk is verminderd. Bij andere inkomsten uit kapitaal heft Nederland dus relatief veel belasting, met name bij zelfstandigen, al beweert het kabinet het tegendeel.

     

    Collectivisering

    Uit de CPB-studie Kansrijk Woonbeleid bleek dat de overheidsondersteuning van de (kleinere) huurmarkt met circa 5 miljard euro per jaar groter is dan die van de koopmarkt met 4,2 miljard euro per jaar. Van de overheidsmaatregelen gericht op het goedkoper maken van wonen profiteren zowel kopers als huurders en daarmee de hele bevolking.

    Zowel de belasting op arbeid, kapitaal als consumptie is de afgelopen tien jaar dus toegenomen. Een steeds groter deel van alle verdiensten gaat naar de staat. In plaats van aan het rentenieren zijn we de economie aan het collectiviseren.

     

    Inflatie

    Het afgelopen jaar is ons bezworen dat de stijging van de inflatie tijdelijk zou zijn. Intussen moeten steeds meer centrale bankpresidenten op deze uitspraak terugkomen. Zo ook Knot, die in Buitenhof toegaf dat de hoge inflatie waarschijnlijk tot tenminste eind 2023 zal aanhouden. Hij spendeerde enige krokodillentranen door te zeggen dat dit “buitengewoon zorgelijk” is en dit de “Nederlander met de kleine beurs” hard raakt.

     

    Het voorgaande is merkwaardig als je enige taak het bewerkstelligen van prijsstabiliteit is. Dat is dus duidelijk niet gelukt en gegeven de huidige inflatie van 6,4 procent kan zelfs worden gesproken van jammerlijk falen. Ja maar, zegt Knot, de inflatie wordt vooral geĆÆmporteerd. Circa 60 procent wordt veroorzaakt door niet te beĆÆnvloeden hogere energieprijzen.

     

    Energietransitie vastgelopen

    De stijging van energieprijzen komt door het vastlopen van de energietransitie in veel westerse landen. We zagen in Nederland het sluiten van steenkoolcentrales met een juichende Rob Jetten op de voorgrond. We stopten met boren naar gas. De Duitsers schakelen de een na de andere kerncentrale uit. Het wegvallen van dit aanbod is nauwelijks gecompenseerd door elders energie in te kopen. Het is dan ook geen wonder dat bij een geringer aanbod de energieprijzen stijgen. Een effect dat is versterkt door de almaar toenemende belastingen op energie. Politici keken goedkeurend toe, want dit was een financiƫle prikkel om huizen van het gas te krijgen.

    Door Knot wordt dit beleid van harte ondersteund: “Het nieuwe regeerakkoord straalt ambitie uit, waar die eerder heeft ontbroken”. Ook vanuit de ECB wordt klimaatbeleid sterk gepusht. De hogere energieprijzen zijn dus een gevolg van bewust beleid om de energietransitie tot stand te brengen en niet iets wat ons overkomt. DNB had op zijn minst voor de gevolgen op de hoogte van de inflatie kunnen waarschuwen.

     

    De VS kregen ook een sneer van Knot, want daar zou inflatie juist van binnenlandse makelij zijn. Een belangrijke component van het inflatiecijfer zijn de woonlasten. In de VS nemen die toe. De inflatie in Nederland wordt juist gedrukt doordat in 2021 de sociale huren niet mochten stijgen. Huren en aan huiseigenaren toegerekende huren bepalen voor ruim 15 procent de inflatie. Dat was een ‘meevaller’ die Knot vergat te noemen.

     

    Nederlands belang

    De afgelopen jaren heeft de ECB de geldhoeveelheid enorm verhoogd, waarmee eerder al bubbels zichtbaar werden op vermogensmarkten. Te laat heeft men gas teruggenomen. Knot ontkende dat de hoge overheidsschulden in met name Zuid-Europese landen daarbij een rol hadden gespeeld. Dat maakt zijn opmerking over de rentestructuur des te wranger. Door er nu op te hameren dat de renteverschillen tussen de eurolanden niet mogen toenemen, omdat dit een uniform monetair beleid binnen het eurogebied in de weg staat, laat hij nog eens zien dat het Nederlandse belang hem niet veel kan schelen.

     

    Dolgedraaid

    Het door de ECB gevoerde ruime monetaire beleid was de afgelopen jaren helemaal niet wat Nederland nodig had en heeft gezorgd voor een dolgedraaide woningmarkt, pensioenen die niet worden geĆÆndexeerd en spaargeld waarop geen rente wordt vergoed. Het heeft verder politici aangezet om steeds meer geld uit te geven.

     

    Bestedingsdrift

    Hogere inflatie ondermijnt het idee van ‘gratis geld’ dat mede ten grondslag ligt aan de bestedingsdrift van het huidige kabinet. Immers, vroeg of laat zal de rente stijgen als de hoge inflatie aanhoudt. We zien dat nu al. De hogere inflatie zal gaten slaan in de koopkracht van de burger en de overheidsbegroting, terwijl door Rutte IV in beide weinig bufferruimte is ingebouwd. In Den Haag maakt men zich dan ook op om vermogensbezitters in Nederland op te zadelen met hogere lasten. Het kabinet wordt daarbij luidkeels aangevuurd vanuit de linkse oppositie en door de media.

    Opvallend is dat naast de hoofdeconoom van het CBS ook meteen de economische bureaus van de banken zich meldden om hun instemming te betuigen met de woorden van Knot. Zij toonden zich lakeien van de macht en deden dat de volgende dag nog eens dunnetjes over door tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer te verklaren dat de expansieve begrotingsplannen van het kabinet geen enkel probleem vormen voor de Nederlandse economie.

     

    Geld bijdrukken

    Daarmee tonen zij zich adepten van de Modern Monetary Theory (MMT), die stelt dat de staat zonder problemen geld kan bijdrukken om zijn bestedingswoede uit te leven en zonder negatieve consequenties de belastingen kan verhogen. MMT heeft opgang gemaakt onder een relatief kleine, maar invloedrijke groep economen. In de reƫle wereld wordt langzaam duidelijk hoe desastreus deze gedachtegang uitwerkt.

    Nederland is dus geen rentenierseconomie, want de belastingen zijn over de hele linie fors gestegen en iedereen is steeds meer gaan betalen aan de overheid. De hoge inflatie is een rechtstreeks gevolg van het bijdrukken van geld door de centrale bank en het door de overheid gevoerde beleid en niet iets wat ons is overkomen door externe oorzaken. Door nu te pleiten voor een uniform monetair beleid wordt eens te meer duidelijk dat DNB het Nederlandse belang in het heden en verleden ernstig heeft verwaarloosd.

    Kortom, drie keer kletskoek.






    0 reacties :

    Een reactie posten