25 Miljard om groei bramen te voorkomen

Datum:
  • woensdag 9 februari 2022
  • in
  • Categorie:
  • Nederland geeft 25 miljard uit om de groei van bramen en de bochtige smele te voorkomen. Dat terwijl de concentratie van dat vreselijke stikstof in 1990 tweeëneenhalf maal zo erg was. Klaarblijkelijk kan onze natuur wel een stootje hebben, schrijft Simon Rozendaal.

    Stikstofcrisis

    Lees ook dit opiniestuk van Arendo Joustra: Binnenhof heeft stikstofcrisis volledig aan zichzelf te wijten


    9-2-2022


    Het Nederlandse stikstofbeleid is merkwaardig. We geven 25 miljard uit aan de strijd tegen een substantie waaraan alles wat leeft behoefte heeft.

    Het zijn niet de geringsten die hierover hun wenkbrauwen fronsen. Ronald Plasterk, gepromoveerd moleculair geneticus en voormalig minister (PvdA), knipoogt in De Telegraaf dat het kabinet 25 miljoen wilde reserveren voor dit ‘ambtelijk gecreëerd schijnprobleem’ maar zich vergiste: ‘miljoen of miljard, wat zou het?’

    Wetenschapsjournalist en fysicus Arnout Jaspers noemt het op Wynia’s Week een ‘obsessie om armetierige natuur op voedselarme gronden te behouden’. Paul Bordewijk, gepromoveerd fysisch-chemicus en voormalig wethouder (PvdA) in Leiden, twittert: ‘Bramen kun je ook plukken, leuk! In ieder geval is het onzin om miljarden uit te geven om de groei van bramen te voorkomen.’

    ‘Zombie-argumenten’

    Zodra iemand zijn twijfel uitspreekt over het beleid, schiet Franciska de Vries, hoogleraar earth surface science en volgens haar website een ‘nuchtere Fries & soil lover’, uit haar slof op Twitter: ‘zombie-argumenten’. Dat wil niemand – redeneren als een levende dode – en dus baseer ik me op Stikstof. De sluipende effecten op natuur en gezondheid van onder anderen Jan Willem Erisman, hoogleraar milieu en duurzaamheid.

    Het boek, waaraan ook Franciska de Vries meewerkte, wordt aangeprezen als het eerste ‘diepgaand overzicht van het stikstofprobleem’ en is volgens De Vries een ‘prachtige samenvatting van de wetenschap’.

    Dus mochten er nu toch nog ‘zombie-argumenten’ langsfietsen, dan was ik mijn handen in onschuld. Ok, daar gaan we. Bladzijde 11: ‘Stikstofverbindingen vormen de basis voor aminozuren, die essentieel zijn voor alle vormen van leven die we kennen. Deze stikstofverbindingen zijn in de natuur maar beperkt beschikbaar.’ Iets verder: ‘In grote delen van Afrika is er een stikstoftekort, waardoor de opbrengsten beperkt zijn. Mede daardoor heersen er honger en ondervoeding.’

    Stikstof is goed, alleen hebben wij te veel van dit goede

    Stikstof heeft dus de zegen van boven. Het is goed, het is zelfs cruciaal, alleen hebben wij te veel van dit goede. ‘Tot een bepaalde waarde is stikstofdepositie gunstig voor de planten en de biodiversiteit, maar daarboven niet meer.’ De grond wordt dan zuurder en mineralen spoelen weg. Er ontstaat een ‘onbalans’ zoals professor Franciska het op Twitter noemt.

    Planten die daar minder last van hebben ‘zoals bramen en brandnetels, verdringen plantensoorten die goed gedijen op een stikstofarme en minder zure grond’. Elders in het boek worden ook de vlier, het pijpenstrootje en de bochtige smele genoemd als voorbeelden van planten die hiervan profiteren.

    Dat mensen niet van brandnetels houden: logisch, alhoewel de dagpauwoog (een vlinder) er dol op is. Maar wat is er in ’s hemelsnaam mis met een bramenstruik? En de bochtige smele lijkt me ook niet zo’n monster dat we 25.000.000.000 euro (pakweg drie James Webb-telescopen) uit de kast moeten trekken. Ik lees dat het een ‘sierlijk gras’ is met ‘licht zilverig kleurende aartjes’. Fijn dat zo’n schatje dankzij stikstof groeit en bloeit.

    Op bladzijde 26 schrijft hoogleraar Erisman (in kranten vaak opgevoerd als dé stikstofexpert) dat de emissie door landbouw, industrie en verkeer sinds 1990 met 60 procent is afgenomen, ‘een hele prestatie’. Elders valt te lezen hoe: omdat boeren mest in de grond injecteerden, automotoren een driewegkatalysator kregen en door de hr-ketel, dat wonder van efficiëntie die we nu vervangen door een warmtepomp, die hapert als het vriest.

    Even wat basale logica. Als het nu 60 procent minder erg is dan in 1990, dan was het toen tweeënhalf maal zo erg. Dan is stikstof zelfs giftig, staat op bladzijde 55: ‘De concentraties van stikstofoxiden en ammoniak zijn echter in Nederland tegenwoordig niet meer zo hoog, waardoor dit directe effect bij vaatplanten nauwelijks meer voorkomt.’

    Dat de vaderlandse natuur destijds dit bombardement met gifgas overleefd heeft, is een mirakel. Klaarblijkelijk kunnen onze planten, vlinders en niet te vergeten onze bodem wel tegen een stootje. Wat de vraag prangender maakt waarom we dan toch 25 miljard (nee, geen miljoen) aan stikstofbeleid uitgeven. 


    ELSEVIER


    0 reacties :

    Een reactie posten