Hoe betrouwbaar is de overheid? – Kosten van het klimaatbeleid

Datum:
  • donderdag 13 juni 2019
  • in
  • Categorie: , ,
  • Het is zinvol om van tijd tot tijd de balans op te maken. In dit geval van het vaderlandse energie- en klimaatbeleid, de onderliggende klimaatwetenschap en de gang van zaken rond de kostenberekeningen.
    13-6-2019

    Een bijdrage van Jeroen Hetzler.
    Als we kijken naar de aangevoerde wetenschappelijke basis voor het klimaatbeleid, dan kan worden gesteld dat er 2 mogelijkheden zijn.
    Ten eerste: zulke overtuigende en reproduceerbare argumenten aanvoeren dat niemand hier onderuit kan. Gegeven de heersende controverse moge het duidelijk zijn dat hier bij deze jonge tak van wetenschap geen sprake van is. Dit zou ook verwonderlijk zijn gezien de complexiteit van het chaotisch, niet-lineaire systeem dat het klimaat is. Dit valt niemand aan te wrijven.
    Wetenschap is een kwestie van lange adem zoals ook bij kankeronderzoek het geval is. Het gaat, en dit is de tweede mogelijkheid, pas de kant van pseudo-wetenschap op wanneer onbevestigde hypotheses tot feiten worden verheven, waartegen niemand bezwaar mág uiten. Dit laatste leidt tot vreemde praktijken. De meest bekende is ongetwijfeld de gefabuleerde 97%-consensus. Ieder die het niet eens is met deze gewenste consensus kan worden gemarginaliseerd en belasterd. Dit is een de wetenschap onwaardige praktijk, maar komt helaas geregeld voor. Zie wat o.a. Judith Curry, Peter Ridd en Susan Crockford is overkomen. Over deze twee laatsten later meer. Eerst het volgende.
    Michael Mann.
    In 1998 publiceerde Michael Mann zijn bekende hockeystick-grafiek (zeer sterke temperatuurstijging na 1900 na 1.000 jaar onveranderd klimaat) die het onder 1 genoemde ‘ultieme overtuigende en voor iedereen reproduceerbare bewijs’ moest vormen en zijn weg vond naar uiteindelijk de klimaatdoelen.
    De hockeystick-grafiek
    Was dat bewijs reproduceerbaar, een wetenschappelijk vereiste? Pas na een jarenlang gevecht om de gegevens te verkrijgen die deze reproduceerbaarheid mogelijk konden maken, konden twee Canadese wetenschappers aantonen dat er ernstige fouten waren gemaakt. Zie hier. Dit werd o.a. voor de Senaat bevestigd. Zie hier. Hiermee verviel de wetenschappelijke basis voor het klimaatbeleid zoals bijvoorbeeld in het Akkoord van Parijs was vastgelegd.
    Opmerkelijk is dan toch wel dat mondiaal door homogenisatie die hockeystick-grafiek wordt nagebootst. Namelijk een sterke temperatuurstijging in de laatste halve eeuw, na 1950 om precies te zijn. Hier valt veel op af te dingen. Zo kan de methode van het KNMI niet voldoende worden gereproduceerd. Zie dit rapport van Marcel Crok, Rob de Vos et al (hier).
    Het IPCC kwam in zijn 2013-rapport met een raadselachtige uitspraak: sinds 1950 is zeker 50% van de opwarming veroorzaakt door de mens en wel met 95% zekerheid. Die 50% kwam uit de lucht vallen en die 95% is geen berekende statistische waarde, maar bepaald door handopsteken (hier). Intrigerend is waarom veruit het belangrijkste broeikasgas ontbreekt, namelijk waterdamp.
    Susan Crockford.
    Terug naar Susan Crockford. Tot voor kort gold als de andere leidende hypothese voor klimaatbeleid dat de ijsbeer de kanarie in de mijn was, d.w.z. verdwijnend zeeijs leidt tot uitsterven van de ijsbeer. Het model gaf aan dat rond 2050 de ijsbeer met ca. 70% zou zijn gereduceerd, doordat het zomerijs sterk gereduceerd zou zijn. Alleen, deze geprojecteerde catastrofale ijstoestand was al rond 2015 bereikt, terwijl de ijsbeerpopulatie spectaculair gestegen was naar ruim 30.000 exemplaren.
    De denkfout die was gemaakt was dat de ijsbeer zich in het voorjaar voedt met vette zeehondpuppies, genoeg voor de rest van het jaar, niet in de zomer (september). Ergo: hypothese verworpen, aldus Susan Crockford.
    De symbolische waarde van deze weerlegging is enorm. Er zijn meer mensen die te voorbarig zijn met rampwaarschuwingen betreffende de Noordpool. Zo kennen wij Bernice Notenboom (hier). Ook Al Gore wist het zeker in 2008: in 2013 is de Noordpool in de zomer ijsvrij.
    Verder kennen we het alarmisme rond toenemende weersextremen. Niets van gebleken (hier).  Ook het IPCC heeft dit niet geconstateerd.
    Hier is een lijst van niet uitgekomen klimaatgerelateerde rampen (hier) en de verdwenen 50 miljoen klimaatvluchtelingen, die nog een decennium extra hebben gekregen (hier)  Ook het blind vertrouwen op de klimaatmodellen is niet gerechtvaardigd o.a. door de afwijkende observaties (hier).
    Dit alles geeft weinig vertrouwen in de geloofwaardigheid van al die verontrustende uitspraken. Susan Crockford werd bovendien slachtoffer van een lastercampagne door klimaatelite. Kritiek wordt niet geduld. Dit overkwam ook Peter Ridd inzake het Great Barrier Reef. Hij werd ontslagen omdat hij twijfels uitte over de bevindingen. Hij had echter de rechter aan zijn kant die academische vrijheid van denken primair stelde. Lees meer over deze gênante uitwas (hier).
    De voorlopige conclusie is dat het overtuigende en onweerlegbare bewijs niet is geleverd. Wat wij desondanks kunnen constateren is toenemend groepsdenken waardoor ook onze beleidsmakers niet meer op de gedachte komen om vraagtekens te plaatsen bij het klimaatakkoord van Parijs. Enkele uitzonderingen daargelaten.
    Ons klimaatbeleid wordt bepaald door irrationele angst. De politiek van-gas-los illustreert dit. Dit is voor de burger en onze toekomstige generatie zeer bedreigend. Er wordt immers getornd aan de welvaart en het fundament van onze samenleving, namelijk energievoorziening. Het Nederlandse energie- en klimaatbeleid zijn te sterk onder invloed van lobbyisten, hetgeen een extra complicerende factor is en het beleid doet steunen op ideologie en verdienmodellen van diverse partijen aan de klimaattafels i.p.v. op wetenschap. Ergo: nogmaals hoe geloofwaardig is het klimaatalarmisme eigenlijk? Hoe stuitend is het indoctrineren van scholieren en het misbruiken van dat Zweedse spijbelkind?
    Een intrigerende vraag. Wat is het effect van al die maatregelen? Misschien herinnert de lezer zich de Urgenda-zaak van 2015 en de eis voor een verhoging van het doel met 9% van 16% naar 25%. Dijksma kwam toen met een berekend resultaat van 0,000045 graden C minder gestegen temperatuur in 2100 bij uitvoering van die eis. Met dit cijfer kwam o.a. Marcel Crok op 0,00027 graad voor het Nederlandse beleid. NRC en de VK bevestigden dit in een fact check. NL neemt bijna 0,5% van de mondiale CO2-emissie voor rekening stelt Simon Rozendaal. Dus 200 x (0,00027 + 0,000045) = 0,063 graad C minder opwarming in 2100.
    Wat betreft de betrouwbaarheid van het Nederlandse beleid, ook hier kunnen enige vraagtekens bij worden gezet. Zo is het eigenaardig dat de beleidsmakers gebruik – zo niet misbruik – blijven maken van de anti-democratische Crisis- en Herstelwet, terwijl elke reden daartoe ontbreekt. Er is immers geen oorlog of zoiets. Dat geldt ook voor de Rijkscoördinatieregeling.
    Het valt verder op dat de burger ontbrak bij de onderhandelingen bij zowel het Energieakkoord als aan de klimaattafels, terwijl bijv. een vanuit wetenschappelijk standpunt onbetrouwbare organisatie als Greenpeace wèl aanwezig was. (Lobbycratie?).
    Het is voorts eigenaardig dat het PBL geheime rekenmodellen gebruikt en subsidies niet meerekent, juist de kern van het verdienmodel windmolen, die de burger moet ophoesten. Ergo: de sommetjes van het PBL vermelden niet wat alle plannen de burger moeten kosten. Ook via Netbeheer weggemoffelde investeringskosten van windmolens komen voor rekening van diezelfde burger. Wel geuren met subsidievrije windmolens als beleidssucces. We hebben inmiddels een lange geschiedenis van fouten en miscalculaties achter de rug zonder uitzicht op de echte kosten. Die weten we inmiddels. Energieakkoord: € 107 miljard (hier) en Klimaatakkoord € 1.000 miljard (hier).
    In deze laatste koppeling zien we ook dat de kosten van het Energieakkoord telkens naar boven flink moest worden bijgesteld. De Algemene Rekenkamer stelde die kosten bij tot € 72 miljard (inmiddels dus € 107 miljard). Wel een ander bedrag dan de oorspronkelijke € 4 miljard.
    Thans volgt hetzelfde ritueel wat klimaatbeleid betreft en het PBL specifiek. Er is geen reden meer om de overheidscijfers – lees: PB – te vertrouwen. GroenLinks wijt het aan het pas 11-jarig bestaan van het PBL. Als je na 11 jaar nóg niet in staat bent om de burger voor te rekenen wat deze uiteindelijk moet betalen, hoe betrouwbaar ben je dan nog. Ergo: dan doe wij het wel. En nu ook weer het gehannes met die cijfers en Prinsjesdag. Het klimaatbeleid wordt met de dag gênanter. Lees hier wat Wynia hierover schrijft:
    Ik heb het vaker gezegd: het klimaatbeleid van het kabinet-RutteDrie is gedoemd te stranden. Het kabinet lijdt aan overspannen pretenties, die het op ondemocratische wijze tegen hoge kosten wil doordrukken en dat ook nog zonder dat de kosteneffectiviteit voorop staat. Het klimaatbeleid heeft alle trekken van een onbetaalbare, monomane, irrationele missie. Mark Rutte houdt zijn kabinet dan ook in leven door het aftimmeren van het klimaatbeleid steeds maar weer uit te stellen. Dat lukt hem tot dusver nog, maar hoe lang?
    En: Overleeft het kabinet het eigen klimaatbeleid? Het is hoogst twijfelachtig. De zelfbenoemde klimaatkoploper van de wereld staat op het punt te stranden.
    De onbetrouwbaarheid van de Overheid valt steeds meer op nu ook het klimaatakkoord onder vuur is komen te liggen nadat de verwachte energierekening fors hoger bleek (hier).
    Over het klimaatakkoord:
    Het viel reuze mee: “Al het klimaatbeleid bij elkaar kost in 2030 minder dan 2 miljard (1,9), nog geen half procent van de gemiddelde inkomens”, riep het 8 uur journaal, en Nieuwsuur’s Amber Brantsen gaf 1,6 tot 1,9 miljard aan als de totale kosten in 2030. Presentator Jeroen Wollaars, Rob Jetten en Jesse Klaver in Nieuwsuur fungeerden als applausmachine en herhaalden de 2 miljard.
    En de onrechtvaardige verdeling waarbij de burgers de kosten moesten dragen en de lagere inkomens nog het zwaarste getroffen werden, dat moest even gerepareerd worden: die kosten zouden op het bedrijfsleven verhaald moeten worden. Die krijgen een CO2 heffing en we gaan de energiebelasting substantieel verlagen, beloofde Rutte meteen na de presentatie van de rapporten. Want zo redden we de wereld voor al die wanhopige klimaatspijbelaars, liet Jetten nog weten in Nieuwsuur!
    Tot slot was dit allemaal ook ontzettend goed voor de Nederlandse industrie, vond men in Nieuwsuur, want die zou rijk worden van alle innovaties die eruit voort zouden komen.
    Conclusies
    1. Het onweerlegbare bewijs voor de CAGW-hypothese (vermeend door mensen veroorzaakte catastrofale opwarming) is niet geleverd.
    2. De academische vrijheid van denken komt binnen de klimaatwetenschap in het gedrang.
    3. De klimaatwetenschap raakt verbonden met indoctrinatie (ook via de media) van burgers en scholieren, en het misbruik van het Zweedse spijbelmeisje. En
    4. De Overheid, lees: de lobbycratie, maakt gebruik van ondemocratische middelen en onbetrouwbare cijfers om het fiasco van ook dit beleid, één der vele, aan de monddood gemaakte burger alsnog op te leggen.
    Derhalve blijft van kracht:
    Ceterum censeo Legem Climae delendam esse.
    (Overigens ben ik van mening dat de Klimaatwet vernietigd moet worden.)














    0 reacties :

    Een reactie posten