Marcel Wissenburg, hoofdredacteur Liberale Reflecties. Een van de auteurs van de hier besproken artikelen.
Een bijdrage van Jeroen Hetzler.
Onlangs zijn 3 aanbevelenswaardige artikelen geschreven over groen liberalisme in ‘Liberale Reflecties’. Gaarne wil ik hieronder enkele persoonlijke beschouwingen aan deze artikelen wijden.
In de artikelen wordt opwarming van de aarde aangenomen als door de mens veroorzaakt vanwege CO2-emissie, Dit staat echter niet vast, eerder het tegendeel. Enige historie is op zijn plaats. Deze gedachte berust op de hypothese van Arrhenius in 1896 dat CO2 bij verdubbelde atmosferische concentratie een temperatuurstijging van wel 6°C kon veroorzaken. Mede doordat de technische middelen toen nog niet beschikbaar waren voor experimentele bevestiging, herriep hij zijn berekening in 1906. Af en toe dook die hypothese op, maar pas in 1957 werd deze afgestoft door Revelle. Ook die was allesbehalve stellig. Onder zijn studenten bevond zich Al Gore die de rol van menselijke CO2-emissie wel als hoofdschuldige aanwees. Men kan de vraag stellen of Al Gore er een lucratief verdienmodel in zag of dat hij zich als een bevlogen planeetredder beschouwde. Hoe het ook zij, enig bewijs voor dominante invloed van de mens, is sinds 1896 niet aangetoond. Ook het IPCC is minder stellig dan de Summaries for Policy Makers suggereren. Dit geldt bijvoorbeeld o.a. voor weersextremen. Zie eveneens deze kritiek op het klimaatrapport van het KNMI over weersextremen.
Tevens kunnen vraagtekens gezet worden bij de wetenschappelijke werkwijze van het IPCC, zoals alleen al uit het mandaat (onderzoek naar de menselijke invloed) blijkt en de daaruit voortvloeiende selectie aan de poort van wetenschappelijke bijdragen die op natuurlijke invloeden wijzen. Vanuit deze invalshoek – er is geen klimaatprobleem – las ik de artikelen.
Is er dan wel een energieprobleem? Ik denk ook hier van niet, zeker niet op zo’n korte termijn (2050) als wordt voorgesteld. Er zijn nog grote voorraden beschikbaar voor honderden jaren. Derhalve riekt dit naar het menselijke urgentie-instinct waar commercieel handig gebruik van wordt gemaakt, namelijk creëren van denkbeeldige schaarste of nood. Urgenda bij uitstek doet een klemmend beroep op dit instinct zoals nu weer actueel in de zaak tegen de Staat.
In de artikelen trof ik, zonder dat dit expliciet werd genoemd, een achtergrondgedachte van het pessimisme, zo niet dreiging, dat zijn intrede deed in de jaren 60, een sfeer van achteruitgang en verslechtering van onze wereld door toedoen van de mens, dat eigenlijk al bij Malthus begon. Dit heeft wel tot gevolg gehad dat wij nu met ingesleten onjuiste pessimistische opvattingen over de staat van onze wereld opgescheept zitten. Hier past de AGW-hypothese (‘Anthropogenic Global Warming’; door de mens veroorzaakte catastrofale opwarming) naadloos bij.
Vooral het woord ‘catastrofaal’ doet de wenkbrauwen optrekken. Zou het? Laten we constateren dat nog slechts 9% van de wereldbevolking in extreme armoede leeft, honger 11%, kinderarbeid 10%, kindersterfte 4% en ga zo maar door (Rosling: feitenkennis pg. 63-72). Het is met deze wereld sinds 1800, laat staan eerder, nog nooit zo voorspoedig gegaan in alle opzichten en door menselijk toedoen. En door toepassing van superieure energiebronnen met een vermogensdichtheid van 100 tot 1000 maal die van de windmolens, zonnepanelen en biomassa van nu, en het hout en turf van toen.
Zo veel voorspoed! Is dat schrikken! Daar moet wel een donkere kant van zijn, zo lijken sommigen te vinden. Tijd voor schuld en boete? Zijn hongersnoden dan toegenomen? Ik dacht van niet. Naar mijn mening is het dus maatschappelijke verantwoordelijkheid om te kijken naar de feiten, zoals ik die genoemd heb en die een heel ander licht werpen op o.a. de Brundtland-definitie van duurzaamheid. De wereld wordt door menselijk toedoen almaar beter, hetgeen een veel gunstiger vertrekpunt biedt, dan de impliciete somberte die als een Zwaard van Damocles boven ons is opgehangen sinds het Rapport aan de Club van Rome. Dit zwaard is aantoonbaar fictief. Wel is het ook een zeer lucratief verdienmodel gebleken.
Kijken we naar het begrip EROI (energy return on energy invested zie toelichting hier) dan kunnen we constateren dat wij de gehele moderne maatschappij, die het leeuwendeel van alle landen omvat, nooit in stand zullen kunnen houden met de inferieure middelen als windmolens, zonnepanelen en biomassa. Dit toont onderstaande figuur:
Feitenkennis is dus dringend vereist. Zonder dit krijgen wij vanuit de huidige comfortabele mondiale welvaartspositie een beleid dat ik zou noemen: ASC-hypothese (Anthropogenic Social Collapse; door de mens veroorzaakte catastrofale maatschappelijke ineenstorting). Reeds tekenen zich de contouren van een dergelijk ontwikkeling af door de jongste irrationele hype ‘van het gas los’.
Hedendaagse ‘duurzaamheid’ is dus in strijd met de geest van Brundtland.
Duurzaam is een gecompliceerd begrip, zoals terecht wordt aangegeven. Ik zou er bovendien op willen wijzen dat duurzaamheid in veel opzichten innovatie omvat. Innovatie, zoals bijvoorbeeld meer energiezuinigheid bij productieprocessen, levert immers concurrentievoordeel op en doet prijzen dalen. Mij bekruipt soms het idee dat het etiket duurzaam gebruikt wordt voor prijsverhoging. In mijn ogen is duurzaam minder uniek dan wordt voorgesteld. Innovatie is immers zo oud als de mensheid zelf en is mede en verklaring voor bovengenoemde successen.
Bij het lezen van die artikelen moest ik ook denken aan de verkiezingsslogan van Rutte van weleer dat windmolens op subsidie draaien. Dit doen ze nog steeds en zullen dit blijven doen in weerwil van geraffineerde windowdressing-trucs (subsidieloze windparken). De burger draait langs andere wegen, zoals netbeheer, voor het volle pond op. Hoe komt het dat windmolens nu wel de oplossing zouden vormen van een ‘rampzalige ontwikkeling’ die zogenaamd door menselijk toedoen op ons af zit te komen? Invloed van VNO-NCW? Is het angst voor politieke marginalisering? Geen ondenkbeeldig vooruitzicht zoals dit ook geldt voor wetenschappelijke carrières, waar geen ruimte meer is voor openlijke scepsis en uit de pas lopen van wat de mainstream decreteert.
Is dit de V van vrijheid? Ik denk het niet. Persoonlijk vind ik dit een verontrustende ontwikkeling en belangrijker dan hoe door liberaal het product duurzaamheid in de markt kan worden gezet. Subsidies immers frustreren de markt en benadelen gezonde concurrentie. Ik vind dit niet liberaal. Naar mijn mening zouden die subsidies moeten worden stopgezet, alsmede beprijzing van CO2-emissie. Nadrukkelijk zou men af moeten van de misplaatste opvatting dat CO2 een vervuiler is. CO2 is een bemester en heeft in de afgelopen tijd gezorgd voor mondiaal 14% meer vergroening. De vervuiler betaalt is dan ook het product van onterecht naming and shaming.
Naar mijn mening heeft het Nederlandse liberalisme zich al gevoegd naar de mainstream wat betreft klimaat en energie en zoekt er nu achteraf de argumenten bij om dit te rechtvaardigen. Voor mij is een vrije markt een zonder subsidies en planeconomische beprijzing. Niet voor niets zei Figueres:
This is the first time in the history of mankind that we are setting ourselves the task of intentionally, within a defined period of time, to change the economic development model that has been reigning for at least 150 years, since the Industrial Revolution.
Christiana Figueres, executive secretary of U.N.’s Framework Convention on Climate Change
Een interessante vraag is verder hoe liberaal de marktontwikkeling is geweest in de afgelopen jaren en waarin groen liberalisme nu zijn weg wil vinden. We kunnen vaststellen dat kernenergie door irrationele argumenten en misperceptie zo politiek beladen is geraakt, dat de (bouw)kosten door veiligheidseisen zo hoog zijn geworden dat investeerders zeer huiverig zijn. Ook opboksen tegen de subsidies speelt een rol. Verwonderlijk want de CO2-vrije kernenergie is een duurzame energiebron, met name thorium. Ook de enorme wereldvoorraden uranium en thorium dragen hiertoe bij. Voor de gas—en oliebedrijven is wel een concurrent uit de markt gedrukt. Dan doet het communistische China het beter met het bouwplan van vele kerncentrales.
Daarna kwamen kolen aan de beurt op min of meer dezelfde manier als kernenergie, al is hier wel sprake van CO2-emissie. Wel zijn moderne centrales zeer schoon. Niettemin volgt kolen uiteindelijk dezelfde weg als kernenergie. Weer een concurrent uit de markt gedrukt. Nu is gas aan de beurt. In de jacht op de klimaatdoelen door obscene belastingverhogingen op gas probeert de overheid nu de huishoudens te dwingen tot overstap naar all electric. Dat all electricnooit door wind en zon gedekt kan worden, die vraag lijkt de overheid te ontwijken. Het antwoord kennen natuurlijk de olie- en gasbedrijven wel. Zie hier.
Moet dit alles een vrije markt heten? Mij riekt het eerder naar planeconomie, maar dan volgens het model van het Eco Industrieel Complex. Zie ook dit uitstekende artikel: hier. Het meest absurde achter die klimaatdoelen is bovendien het feit dat die 2-gradengrens slechts een politieke is, fictief dus. Zie hier.
Dit evenwel is de realiteit na 30 jaar modderen met subsidie en inferieure energiebronnen:
Dit geeft een heel ander beeld dan de voornemens van het Regeerakkoord en wat Urgenda probeert op te dringen.
Wat ook opvalt in deze artikelen is de grootste afwezige, namelijk de kosten van dit alles. Zie hier wat Parijs ons zal kosten. Het staat als een paal boven water dat de astronomische kosten van honderden miljarden bij de belastingbetaler worden gelegd zonder dat deze adequaat is geïnformeerd en geheel buiten het beslissingsproces is gelaten. Het is opvallend dat de belastingbetaler systematisch elke correcte informatie over de kosten wordt onthouden, ook in deze artikelen.
Liberalisme impliceert in mijn ogen ook het recht op correcte informatie om een relevante keuze te kunnen maken bij bijvoorbeeld verkiezingen. Dit ontbreekt en is iets wat het liberalisme zich zou moeten aantrekken.
Een van de auteurs van deze artikelen maakt zich zorgen over een niet liberale wereldregering. Inmiddels hebben wij die al jaren in de vorm van het VN-panel IPCC met diens Summaries for Policymakers. Dit stond al vast bij de oprichting van et IPCC. Zie hier. Maurice Strong kunnen wij zien als de geestelijk vader. Zijn ideeën logen er niet om:
Isn’t the only hope for the planet that the industrialized civilizations collapse? Isn’t it our responsibility to bring that about?
Maurice Strong mede-oprichter van het IPCC
Laat ik dit artikel eindigen met:
Liberaal en Groen op één kussen: daar slaapt het IPCC tussen.